31-08-04

Geïntegreede communicatie een verkeerd model?

Geïntegreerde communicatie blijkt meestal steken in mooie woorden en stelt in praktijk doorgaans weinig voor. Dat stelt de Journal of Advertising Research (JAR). Het wordt volgens het magazine hoog tijd dat die geïntegreerde communicatie bekeken wordt vanuit het standpunt van de consument en niet vanuit dat van de adverteerder.

(Foto: Elke marketing-discipline zal zijn eigen weg blijven gaan. – LAJ)

“Voor de ontdekking van geïntegreerde communicatie moeten we terug naar de jaren zeventig,” merkt de JAR op. “Toen verschenen de eerste artikelen waarin ervoor werd gepleit om de verschillende vormen van communicatie beter op elkaar af te stemmen.” Sindsdien is geïntegreerde communicatie volgens het magazine algemeen geaccepteerd. Door bij advertenties, commercials en andere vormen van communicatie zoveel mogelijk een eensluidende boodschap te verkondigen, zou de helderheid toenemen en dus ook het effect.

Er wordt echter opgemerkt dat geïntegreerde communicatie tot nu toe vooral inside-out wordt benaderd. “De adverteerder en het reclamebureau kijken of de verschillende reclame-uitingen op essentiële punten met elkaar overeenstemmen,” stipt de JAR aan. “Maar dat is een oppervlakkige benadering, die weinig met klantdenken te maken heeft. Veel beter is om de communicatie vanuit de klant te benaderen, want dat kan bijzonder verrassende resultaten opleveren.”

Daarbij wordt verwezen naar een actie van chocoladefabrikant Cadbury, waarbij chocoladewinkels gratis sportartikelen uitdeelden. “De advertenties, commercials, verpakkingen en sales promotion waren perfect op elkaar afgestemd,” merkt het magazine op. “Het bleek echter dat veel klanten zich ongemakkelijk voelden bij de combinatie van de dikmakende chocolade en sport. Blijkbaar was Cadbury vergeten dat voor de consument ook de integratie tussen product en communicatie meetelt.”

Ook de Amerikaanse marketing-strateeg Al Ries – auteur van onder meer ‘The Fall of Advertising and the Rise of PR’ - loopt niet erg hoog op met geïntegreerde systemen. “Sommigen roepen dat reclame, public relations, direct mail, sales promotion en andere andere communicatievormen in één grote eenheid zouden moeten samengebracht worden,” stelt hij in het tijdschrift Advertising Age. “Maar ondanks die hype toont de realiteit aan dat er juist een evolutie is in de richting van specialiasaties.”

Ries stelt dat geïntegreerde operaties met een hechte samenwerking tussen de verschillende marketing-sectoren absoluut nodig zijn. “Maar bureaus die zich specifiek richten op public relations, sales promotions of direct mail zullen niet verdwijnen en opgaan in grote geïntegreerde marketing bureaus,” merkt hij op. “De trend gaat eerder de omgekeerde richting uit.”

Bovendien merkt Ries op dat de verschillende activiteiten van bureaus steeds meer als afzonderlijke entiteiten een eigen leven gaan leiden. “Deze versplintering legt een druk op de adverteerder, die al de gespecialiseerde bureaus moeten samenbrengen om een geïntegreerd project uit te werken,” werpt hij op. Specialisatie biedt volgens Ries bijzonder grote voordelen. “In bijna elke economische sector – bijvoorbeeld geneeskunde, advocatuur en technologie – zien we steeds meer specialisatie,” merkt hij op. “Waarom zou marketing anders zijn?”

Ries verwijst daarbij naar de militaire organisatie. “Daar wordt steeds meer gesproken over geïntegreerde operaties, een nauwere samenwerking tussen alle machten. Luchtmacht, artillerie en infanterie werken heel nauw samen, maar dat betekent niet dat de verschillende legers tot één groot geheel worden samengevoegd. Door hun specialisatie groeien ze zelfs steeds verder uit elkaar, wat het militaire apparaat verplicht om miljoenen dollars te besteden aan communicatie-systemen om de verschillende machten op elkaar af te stemmen.”

Een gelijkaardig proces moet men volgens hem ook in de marketing verwachten. “Er zullen nieuwe functies ontwikkeld worden en in belangrijkheid groeien, tot ze een punt bereiken waarop ze zich van het groter geheel zullen afsplitsen,” voorspelt hij. Integratie wordt volgens Ries trouwens dikwijls beschouwd als de Heilige Graal van de huidige marketing. “Maar slechts weinigen hebben het geheim van geïntegreerde marketing kunnen ontsluieren,” stipt hij aan. “Het is vooral veel gepraat en weinig actie. Men mag zelfs verwachten dat het nooit zal gerealiseerd worden.”

22:32 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Spammers riskeren IAB-boycot

Breedbandverbindingen hebben een aandeel in de verspreiding van e-mail. Specialisten menen volgens het tijdschrift Communicatie Online dat die verbindingen immers dikwijls slecht beveiligd zijn en dus een gemakkelijke prooi zijn voor spammers. In Nederland wil men alvast starten met een boycot tegen bedrijven die klanten lastig vallen en zoekmachines proberen te manipuleren.

(Foto: Spammers komen op de zwarte lijst van het Interactive Advertising Bureau. – LAJ)

Inmiddels bestaat zestig procent van de e-mails uit spam. De meeste ongewenste berichten komen uit de Verenigde Staten (60 procent). China staat op de tweede plaats met 6,2 procent, terwijl Zuid-Korea met 4,9 procent de top drie rond maakt. Op nummer vier volgt Canada met 4,3 procent, terwijl Brazilië met 2,9 procent op nummer vijf staat.

Met 2 procent is Frankrijk op de zesde plaats de belangrijkste Europese verzender van spam. Op nummer zeven staan Hong Kong en Spanje (1,7 procent), gevolgd door Japan (1,2 procent). Opvallend is de tiende plaats van Nederland, dat 1,2 procent van de spam-markt vertegenwoordigt. “De hoge dichtheid aan breedbandverbindingen wordt door kenners genoemd als mogelijke verklaring voor de toptiennotering van Nederland,” alduc Communicatie Online. “Door een slechte beveiliging zijn die vaak een makkelijke prooi voor buitenlandse spammers. Een andere factor die kan meespelen is het dat groot aantal pornosites op Hollandse bodem.”

Het Interactive Advertising Bureau probeert de faam van de sector weer op te krikken door het uitvaardigen van een gedragscode. Die werd door alvast door de grote zoekmachines en mediabureaus aanvaard. Bedrijven die commerciële bulkmail versturen, komen daarbij op een zwarte lijst van het Interactive Advertising Bureau terecht. Internetreclamebureaus die zich toeleggen op cloaking - of andere technieken om hoog te scoren bij zoekmachines - krijgen een 'rode kaart' en worden door deelnemende zoekmachines helemaal uit de resultaten gefilterd.

“Of het nu gaat om spam per e-mail, sms of chat of bedrijven die consumenten en zoekmachines om de tuin proberen te leiden, we maken er korte metten mee,” waarschuwe IAB-voorzitter Igor Beuker. “Er is nog altijd een aantal cowboys op de markt dat snel geld wil verdienen ten koste van het medium, adverteerders en consumenten. Die zijn we veel liever kwijt dan rijk. Onze leden willen ook over vijf jaar nog altijd geld verdienen.” Het IAB is trouwens optimistisch over de maatregel en verwacht dat malafide bedrijven door de maatregelen vanzelf uitsterven.

17:32 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Kosten Betuwelijn en hsl werden verzwegen

De top van het Nederlandse ministerie van verkeer heeft jarenlang miljoenenoverschrijdingen bij de grote spoorprojecten hsl en Betuweroute verborgen gehouden. Dat blijkt uit de eerste verklaringen van betrokkenen tegenover een Nederlandse parlementaire onderzoekscommissie onder leiding van kamerlid Duivesteijn.

(Foto: Spoorwegprojecten vallen gemiddeld bijna 45 procent duurder uit dan geraamd werd. – LAJ)

“Al in het voorjaar van 1998 signaleerde financieel directeur Ab Lambarts van verkeer grote problemen, maar het duurde tot de begrotingsbehandeling van 2003 voordat de Nederlandse Kamer er lucht van kreeg,” merkt Paul Burm in de krant De Stem op. “Op de waarschuwingen van Lambarts werd niet adequaat gereageerd, bleek gisteren na de eerste dag van verhoren van de commissie-Duivesteijn.”

Lambarts werd in 1996 financieel directeur economische zaken op het ministerie van verkeer en waterstaat en kwam naar eigen zeggen onmiddellijk tot de conclusie dat de financiële organisatie rond de hsl en Betuweroute niet in orde was. “Er waren teveel onzekerheden, er was geen actieplan om risico’s aan te pakken, taken waren niet helder verdeeld en de bouw van de hsl werd onvoldoende gestuurd,” aldus Lambarts.

De krant merkt op dat Lambarts de de projectleiders echter niet zo ver dat ze hun administratie op orde brachten. “Daarom stapte Lambarts in 1998 naar zijn hoogste baas, secretaris-generaal Pans en vroeg om extern onderzoek naar de risico’s en extra kosten van de spoorprojecten,” verduidelijkt De Stem. “Hij schreef dat de hsl-organisatie een blinde vlek vertoonde op het gebied van financiële rapportage en dat de neiging bestond om de kop in het zand te steken.”

De krant schrijft dat de secretaris-generaal uiteindelijk instemde met het onderzoek. “In 1999 werd geconcludeerd dat het financieel beheer van de Betuweroute amorf was, terwijl dat van de als riskant beschouwd werd,” stipt Burm aan. “Vervolgens werd toenmalig minister Netelenbos (PvdA) op de hoogte gebracht. In overleg met haar ambtelijke top besliste zij om de kamer niet in te lichten over de financiële problemen. Secretaris-generaal stelde dat men immers nog niet precies wist hoe groot de overschrijdingen waren en hoe zwaar de risico’s waren.”

Dit was volgens de krant in strijd met de procedure die de kamer en regering naar aanleiding van de fiks duurder uitgevallen pijlerdam in de Oosterschelde ooit afspraken. “Deze later nog aangescherpte regeling schrijft voor dat de Kamer tijdig wordt ingelicht als er kans bestaat op tegenvallers,” aldus De Stem. “In het verhoor zei secretaris-generaal Pans dat hij herhaaldelijk heeft geprobeerd Netelenbos over te halen naar de Kamer te gaan om meer geld voor de projecten te vragen, maar dat ze consequent weigerde.”

In het voorjaar van 2002 viel Paars-2 en nam Roelf de Boer (LPF) de portefeuille over, waarop de top van verkeer en waterstaat volgens Pans een nieuwe poging ondernam om de kostenoverschijdingen door de kamer te loodsen. “Pans stelt dat hij bij de eerste kennismaking met de minister-in-spe de tekorten ter sprake bracht,” meldt de krant. “Pans zou De Boer gefeliciteerd hebben met het extra geld dat hij voor verkeer en waterstaat had bedongen, maar hem ook gezegd hebben dat hij dat direct ook weer kwijt zou zijn vanwege de risicoreservering voor hsl en Betuweroute.”

De Boer ging akkoord en op zijn begroting verscheen een voor de kamer aanvankelijk raadselachtig bedrag van bijna een miljard euro voor onvoorziene omstandigheden. De terughoudendheid van het ministerie om meer duidelijkheid te scheppen was volgens De Boer ingegeven door het feit dat men wilde vermijden dat aannemers daarmee hun voordeel zouden doen.

De Deense hoogleraar infrastructuurplanning Flyvbjerg – die wereldwijd ongeveer 260 projecten had doorgelicht – merkte op dat negentig procent van dergelijke dossiers uit de hand lopen. “Dat komt niet zelden door doelbewuste verkeerde informatie uit politieke hoek,” benadrukte hij. Volgens hem vallen spoorwegprojecten gemiddeld 45 procent duurder uit dan begroot. Voor bruggen en tunnels is dat bijna 34 procent, terwijl wegen gemiddeld 20 procent duurder zijn dan voorzien werd.

15:42 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Europa start denktank over voedselveiligheid

De Europese Commissie nodigt organisaties van boeren, voedselproducenten, handel en consumenten uit om deel te nemen aan een nieuwe denktank over voedselveiligheid. De club van 45 leden moet de communicatie tussen de Europese Commissie en belangenverenigingen stroomlijnen.

(Foto: Veilig voedsel staat centraal in de nieuwe Europese denktank. – LAJ)

De Advisory Group on the Food Chain and Animal and Plant Health moet diverse bestaande kleinere platforms vervangen en komt twee keer per jaar samen. “Een nog te vormen internetforum - waaraan iedereen kan deelnemen - vormt het hart van het overleg,” merkt het tijdschrift Oogst op.

Volgens David Byrne, Europees commissaris voor Volksgezondheid, past de denktank bij de ketenaanpak - Farm to Fork - die de Europese Commissie voorstaat. “De jongste jaren heeft de Europese Unie een eersteklas systeem voor voedselveiligheid ingevoerd,” benadrukte hij. “De tijd is aangebroken alle belanghebbenden op een vergelijkbare, moderne manier te raadplegen.”

Naast de Advisory Group blijft het bekende Standing Committee on the Food Chain and Animal Health bestaan. Daarin hebben afgevaardigden van de lidstaten zitting.

De Europese Unie verwacht verder dat er tegen het eind van deze week een definitieve regeling komt die de import in Rusland van vlees uit de Europese Unie mogelijk maakt. Er zal een gestandaardiseerd certificaat komen voor vlees van iedere diersoort die naar Rusland wordt geëxporteerd.

In het Financieele Dagblad wordt gemeld dat commissaris David Byrne in Moskou een definitief akkoord zal afronden. “De details zijn nog niet helemaal duidelijk, maar naar verluidt zullen de certificaten nog wel steeds ondertekend worden door de autoriteiten van de individuele lidstaten en niet door de centrale autoriteiten in Brussel,” stipt de krant aan.

Op dit moment voorziet iedere Europese lidstaat zijn vleesexport naar Rusland van een eigen certificaat. Rusland eiste echter dat de Europese vleesexport vergezeld zou gaan van een nieuw gestandaardiseerd gezondheidscertificaat. Het conflict heeft volgens de krant echter niet zozeer een veterinaire, maar wel een handelspolitieke achtergrond. “Rusland is niet tevreden over de uitkomst van de onderhandelingen tussen de Europese Unie en Rusland over de toetreding van de Centraal-Europese landen en een lidmaatschap voor Rusland van de Wereld Handelsorganisatie,” aldus het Financieele Dagblad.

14:06 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Voedsel- en drankadverteerders op de gezonde toer?

Onze voeding- en drankgewoonten zijn allesbehalve ideaal. De consument van vandaag eet vet en drinkt duidelijk teveel en het is vooral de adverteerder die daarbij met een beschuldigende vinger wordt aangewezen. De negatieve signalen hebben een aantal bedrijven ertoe aangezet om het tegenoffensief te lanceren.

(Foto: We gaan niet goed om met voeding en drank en het is vooral de reclamesector die daarvan de schuld krijg. – LAJ)

“Gezondheid is een groot goed,” merkt het tijdschrift Management Today op. “Maar veel consumenten lijken dat niet te beseffen en gaan zich te buiten aan teveel fastfood, snacks en alcohol.” Overheden en consumentenorganisaties maken zich zorgen over de groeiende problematiek. “Ze leggen de schuld bij het bedrijfsleven,” schrijft Management Today. “Vooral de reclame moet het ontgelden. Zo stelt een recent Engels onderzoek dat reclame kinderen aanzet tot ongezond eetgedrag en bepleit het restricties tegen fastfoodadverteerders.”

Voor de betreffende bedrijven is dat volgens het tijdschrift een buitengewoon vervelende situatie. “Wie de consument op zijn eigen gedrag aanspreekt, wordt er dikwijls van verdacht zijn verantwoordelijkheid te willen afschuiven,” aldus Management Today. “Dus gaan steeds meer fabrikanten zelf tot gezonde maatregelen over. Zo heeft Kraft al aangekondigd dat het suiker- en zoutgehalte in veel van zijn producten zou verlaagd worden. Ook chocoladegigant Cadbury is in Engeland uit eigen beweging een tijdje gestopt met reclame rondom kinderprogramma’s.”

Management Today stelt dat ook de fabrikanten van alcoholhoudende dranken beseffen dat ze niet achter kunnen blijven. “Smirnoff is een campagne begonnen om het verantwoord drinken te promoten en Tesco zet op het etiket van zijn wodka richtlijnen voor dagelijkse consumptie,” wordt er benadrukt.

De tabaksindustrie ligt al langere tijd onder vuur. “Dat voorbeeld heeft echter duidelijk aangetoond dat een defensieve houding op de langere duur niets uithaalt,” stipt het tijdschrift aan. “De kans is dan ook groot dat McDonald’s en collega’s in de nabije toekomst de belangrijkste voorvechters worden van een gezonde levensstijl.”

12:15 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Frauduleuze garanties in Rotterdams Havenbedrijf?

De algemeen directeur van het Havenbedrijf Rotterdam, Willem Scholten, is op staande voet ontslagen omdat hij geheel op eigen houtje garanties tot 100 miljoen euro heeft gegeven aan de noodlijdende Rotterdamse Droogdok Maatschappij (RDM) van Joep van den Nieuwenhuyzen. In de Nederlandse kranten wordt gemeld dat het Havenbedrijf – en dus aandeelhouder Rotterdam – het geld vermoedelijk kwijt is.

(Foto: Het Rotterdamse Havenbedrijf verleende bijna 100 miljoen euro garanties aan buitenlandse banken. – LAJ)

De Rotterdamse Havenwethouder Wim van Sluis - tevens president-commissaris van het Rotterdamse Havenbedrijf – bevestigde het ontslag van Scholten. Die had vanaf 2002 garanties overgemaakt aan de Commerzbank en Barclay’s Bank, naar eigen zeggen ter bescherming van Rotterdamse havenbelangen in verband met duikbootorders. Scholten deed dit buiten medeweten van zijn collega-directeuren en de raad van commissarissen.

Met de garanties van het Havenbedrijf op zak kreeg Van den Nieuwenhuyzen de bankleningen. Nu eerder deze zomer echter delen van RDM failliet gingen, staan de banken bij het Havenbedrijf op de stoep om de leningen terug te eisen. Scholten kon toen niets anders meer dan de affaire op te biechten aan de commissarissen.

Volgens Van Sluis is het nog niet helemaal zeker dat Rotterdam het geld kwijt is. Dat moeten de commissarissen nu onderzoeken. Van Sluis stipt immers aan dat RDM onder meer het schip ‘Rotterdam’ en het bedrijf RDM Technology als tegenwaarde heeft ingezet. Hij wil vooralsnog dan ook niet van fraude spreken en het Havenbedrijf heeft ook nog geen aangifte gedaan. Voor verdere stappen ondernomen worden, wil Van Sluis eerst de resultaten van het onderzoek afwachten.

In mei kreeg de raad van commissarissen al te horen dat het Havenbedrijf 25 miljoen euro schuld had aan de Commerzbank. Dat was een bedrag waarover Scholten nog net kon beslissen. “Maar ons was niet bekend dat het totaal om een garantstelling van 100 miljoen euro gaat,” aldus Van Sluis. Opgemerkt werd dat Scholten zijn zaken rechtstreeks met RDM-baas Joep van den Nieuwenhuyzen regelde. Hoe de constructie precies is elkaar zat, is volgens de kranten nog niet duidelijk.

Van den Nieuwenhuyzen zou Scholten hebben verzekerd dat de bankgaranties noodzakelijk waren om de belangen van de Rotterdamse haven met Taiwan en China niet te schaden. RDM had duikboottechnologie aan Taiwan kunnen leveren, maar onder druk van de regering en grote bedrijven ging de order niet door. Zij vreesden immers een boycot door China. Om beide landen te vriend te houden, zou Rotterdam RDM moeten compenseren voor de gederfde inkomsten. “Scholten heeft ons verteld dat hij op basis van dat verhaal de garanties heeft afgegeven,” aldus Van Sluis.

De Rotterdamse gemeenteraad reageerde alvast geschrokken. De SP stelde de andere fracties voor, een gemeentelijke enquête te houden. “De gemeente – 100 procent eigenaar van het Havenbedrijf - is geen bank van lening voor dubieuze ondernemingen,” aldus fractievoorzitter Cornelissen. Van den Nieuwenhuyzen wilde nog niet reageren. Volgens hem zit er achter het dossier veel meer, dat niet in twee woorden kan verteld worden.

10:07 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Economie in de media

Als minister van buitenlandse zaken legt Karel De Gucht heel andere klemtonen dan zijn voorganger Louis Michel. In zijn toespraak voor het diplomatiek personeel nam De Gucht niet één keer het woord ethiek in de mond. Des te meer had hij het over de Belgische belangen. “Economische diplomatie wordt een beleidsprioriteit,” zo luidde het. “Onze ervaring leert,” aldus De Gucht, “dat het verdedigen van belangen in de Europese Unie bikkelhard kan zijn." Volgens de minister zal dat in een Unie met 25 alleen maar toenemen. Daarom is het volgens hem nodig dat onze diplomatie in de eerste plaats creatief werk maakt van het bewerkstelligen van bondgenootschappen, aangepast aan de aard van onze belangen." Voor De Gucht blijft de Benelux een bevoorrecht forum, maar hij stelt dat het relatieve gewicht van de Benelux is verminderd. Daarom moeten de Europese bilaterale relaties versterkt worden, zodat België binnen de Europese Raad betrouwbare bondgenoten krijgt. De mensenrechtenproblematiek en de ethische diplomatie, twee stokpaardjes van zijn voorganger Louis Michel, kwamen niet aan bod. Afrika daarentegen wel. De Gucht meent dat de Verenigde Naties en de Europese Unie zich hier sterker moeten engageren. De Gucht verwees daarbij heel nadrukkelijk naar de Balkan en de ontwrichte staten. “Mischien is het wel de roeping van Europa om zich in de heropbouw van gedesintegreerde naties te specializeren.” (Het Nieuwsblad)

Controleurs van het Federaal Agentschap voor de Voedselveiligheid (FAVV) hebben maandagmorgen 20 ton appelen van bij Veiling Haspengouw in Sint-Truiden in beslag genomen omdat die te vroeg en onrijp op de markt dreigden gebracht te worden. Het gaat om de variëteiten Jonagold, Boskoop, Jonagoret en Golden. Het agentschap gaat een rijpheidstest op de in beslag genomen appelen uitvoeren en nagaan of er eventueel residuen van verboden pesticiden in de appelen zitten met de bedoeling om ze sneller te laten rijpen. Dat heeft Geert De Poorter van het FAVV laten weten. De resultaten van de tests worden in de loop van de week verwacht. "Indien blijkt dat er met de rijpheid van de appelen niets scheelt, wordt de partij opnieuw vrijgegeven, zo luidt het. De Poorter benadrukt dat er zich geen probleem met de voedselveiligheid stelt, maar dat de inbeslagname kadert binnen de kwaliteitsparameter van het agentschap die ook tot doel heeft te vermijden dat er onrijp fruit op de markt wordt gebracht. De druk op de telers om hun appelen als eersten op de markt te brengen is nu eenmaal groot op dit moment, zo luidt het. (VRT)

De Vlaamse scholen leveren alsmaar minder bouwvakkers af. Op het eind van het afgelopen schooljaar waren er dat slechts 3.314 tegenover 3.394 in juni 2003. Van die groep zijn er maar 35 procent of ongeveer 1.250 effectief in de bouw aan de slag gegaan. “Daarmee levert het onderwijs nog geen kwart van de jaarlijkse behoefte aan 15.000 bouwvakkers in Vlaanderen,” zegt afgevaardigd bestuurder Karel Van Eetvelt van de Bouwunie. Om de doorstroming vanuit het onderwijs te verhogen is een dringende hervorming nodig van de bouwopleidingen in het technisch- en beroepssecundair onderwijs. De Unie van de Vlaamse kmo-bouwbedrijven pleit voor een ruimere waaier aan opleidingsmodules. Er moet een duidelijke imagocampagne komen omtrent het beroep en de doorstromingsmogelijkheden. De alternerende opleidingen in het deeltijds onderwijs moeten gepromoot worden als goede opleidingen. Er moet voldoende ondersteuning vanuit de overheid komen en cursisten moeten beter opgevolgd worden om vroegtijdige uitval te voorkomen. (Het Belang van Limburg)

Een voertuig dat bij wegenwerken gebruikt wordt om de grond te stabiliseren, zou aan de basis kunnen liggen van de explosie op het industrieterrein in Gellingen op 30 juli, waarbij 21 mensen om het leven kwamen. Dat meldde de Franstalige openbare omroep RTBF. Het stuk leiding dat ontplofte, lag onder een weg. Toen de weg enkele maanden geleden aangelegd werd, zou de machine de leiding geraakt hebben. De machines die voor zulke werken gebruikt worden hebben een rotatiegedeelte. De inkervingen die op een stuk van de leiding teruggevonden zijn, vertonen sporen van een roterend mechanisme. De hypothese, die aannemelijk lijkt voor Fluxys, de deskundigen en het gerecht, moet nog worden nagetrokken, aldus de RTBF. (Het Laatste Nieuws)

Gilles Roudy neemt de functie van uitvoerend directeur van Carrefour België over van Gilles Petit, die werd benoemd tot directeur voor de andere Europese landen. De kersverse directeur van Carrefour België is al 24 jaar actief bij de groep, waar hij zijn loopbaan begon als stagiair aan de kassa's. Momenteel houdt hij zich bezig met een verkenning van de Belgische winkels en het bezoeken van alle zetels van de groep. Deze eerste missie zou tegen eind november afgerond moeten zijn. Gilles Petit zou op zijn beurt eerst de balans opmaken van zijn jaren aan het hoofd van Carrefour België alvorens zijn nieuwe functie binnen de directie Andere Europese landen (Polen, Tsjechië, Slovakije, Griekenland, Zwitserland en Turkije) op te nemen. “Over het algemeen is de balans positief. We hebben het omzetcijfer geherdefinieerd, de markten zijn opnieuw stabiel en de marges zijn belangrijker geworden dan de kosten,” legde Petit uit. Hij herinnerde er tevens aan dat er 200 miljoen euro voor nodig was om de overgang van de groep en de hervorming van de supermarkten onder de paraplu van Carrefour te verzekeren. Voorlopig lijkt het erop dat er voor eind 2006 of begin 2007 geen openingen van nieuwe hypermarkten zijn gepland. Wat GB Express betreft, werden de vooropgestelde cijfers begin juli door de distributiegroep bevestigd. Tegen het einde van dit jaar zou het aantal GB Express winkels, momenteel 39, de kaap van 50 moeten overschrijden. (De Gentenaar)

Het Vlaams Audiovisueel Fonds (VAF) krijgt vanaf 1 oktober een nieuwe administratief en financieel directeur. Het gaat om de 36-jarige Hans Everaert. Hij volgt Rudy Verzyck op, die eerder dit jaar uit zijn functie werd gezet naar aanleiding van een doorlichting van de financiering van de Vlaamse film ‘De Zaak Alzheimer’. Everaert is economist van opleiding en werkte eerder bij PriceWaterhouseCoopers, Seghers Better Technology for Water en Umicore. “Hij heeft geen directe ervaring in de sector, maar is gepassioneerd door film,” weet VAF-intendant Luckas Vander Taelen. Het VAF is sinds het einde van 2002 verantwoordelijk voor de financiering van de audiovisuele sector in Vlaanderen. Eind vorig jaar liet toenmalig minister van cultuur Paul Van Grembergen een audit uitvoeren naar de financiering van de film ‘De Zaak Alzheimer’, waarbij volgens de minister onregelmatigheden aan het licht kwamen. Dat leidde tot het ontslag van financieel directeur Rudy Verzyck en voorzitter Jan Dyck. Een nieuwe voorzitter is er vooralsnog niet. “De nieuwe Vlaamse regering moet de raad van bestuur bevestigen,” stelt Vander Taelen. Tot dan blijft waarnemend voorzitter Filip Van Damme op post. (Het Volk)

China gaat de Japanse hogesnelheidstrein 'Shinkansen' gebruiken. Het wees een project met een tegenwaarde van 10 miljard euro toe aan drie consortia met bedrijven uit Japan, China, Frankrijk en Canada. Het nieuws is vooral een slechte zaak voor de Duitse elektronicagroep Siemens, dat enorme inspanningen leverde om de modernisering van het Chinese spoor te mogen realiseren. Het project, het op één na grootste infrastructuurproject in China, omvat 2.000 kilometer spoor, zo berichtte het Chinese persagentschap Xinhua maandag. De snelheid van de treinen zal er verdubbelen tot 200 km/uur. Als, zoals verwacht wordt, de Japanners een aangepaste versie van de 'Shinkansen' aanbieden, zal de snelheid zelfs nog opgedreven kunnen worden tot 275 km/uur. Deze toewijzing is een slag voor Siemens, dat zich ook in de strijd om het project had geworpen. Volgens de Chinese pers kan deze toewijzing bovendien een aanwijzing zijn wie het grootste hogesnelheidsproject in de wacht zal slepen. Dat lucratieve project gaat over een 1.300 km lange hogesnelheidslijn van Peking tot Sjanghai. Leuk detail: de Chinese media gebruiken het Japanse woord 'Shinkansen' niet, maar hebben het over 'locomotieven en treinstellen'. Een en ander is het gevolg van de Japanse bezetting van China tijdens de tweede wereldoorlog. Een anti-Japanse actievoerder kondigde als reactie op de toewijzing zelfs een petitieactie op het internet aan. (De Standaard)

De prijs van de korf met zeven belangrijke soorten ruwe olie die de organisatie van olie exporterende landen (OPEC) hanteert, blijft vooralsnog onder de grens van 40 dollar. Het secretariaat van de OPEC stelde maandag per vat een prijs van 39,05 dollar vast voor vrijdag, de laatste handelsdag van vorige week, een stijging met slechts 3 dollarcent in vergelijking met donderdag. Voor de voorbije week berekende de OPEC een gemiddelde referentieprijs van 41,35 dollar, 0,60 dollar minder dan in de derde week van augustus. De terugval van de olieprijzen remt de handel in aandelen van energiebedrijven af. De Europese energiebedrijven, zoals BP en Eni, hebben hun eerste achteruitgang op maandbasis opgetekend sinds januari, toen de prijzen voor ruwe olie na eerdere recordhoogten weer daalden. Waarnemers voorspellen dat een verdere daling van de olieprijzen de bedrijfswinsten van petroleumbedrijven niet zal bevorderen. "De aandelen van energiebedrijven hebben hun beste tijd achter de rug", klinkt het. De prijs van ruwe olie bereikte op 3 augustus van dit jaar in New York een recordhoogte van meer dan 44 dollar per vat. Ook in Londen gingen de prijzen omhoog. Op 20 augustus werd een nieuw record van 49,40 dollar bereikt. De prijzen zijn sindsdien weer dalende. (De Tijd)

VDV, de beroepsorganisatie van de zelfstandige voedingswinkeliers die aangesloten is bij Unizo, pleit voor de definitieve afschaffing van de wet op de ecotaksen en ecoboni. In een vrijdag verspreid persbericht reageert VDV daarmee op cijfers van het studiebureau AC Nielsen en GfK waaruit blijkt dat de ecoboni de verkoop van goedkopere, herbruikbare flessen niet hebben gestimuleerd. "De wet werkt niet en is van bij de start een verkeerde beleidsoptie geweest, tot stand gekomen omwille van politiek-ideologische redenen", zo klinkt het. "Bovendien kan de wet de bestaande recyclagesystemen ontwrichten, leiden tot negatieve milieueffecten en benadeelt de wet kleinere voedingswinkels". De VDV stelt vragen bij het "ongenuanceerd promoten van herbruikbare verpakkingen zonder voorafgaand wetenschappelijk onderzoek". De privé-sector organiseerde zelf een recyclagesysteem dat de beste doelstellingen realiseert van Europa. Ecoboni en ecotaksen kunnen dit systeem grondig verstoren, luidt het. Daarnaast kan hergebruik ook leiden tot negatieve milieueffecten, onder meer omdat de recipiënten moeten gereinigd, gestockeerd en vervoerd worden. Kleinere voedingswinkels ondervinden ook problemen: er is onvoldoende opslagruimte en het aanbieden van retourverpakkingen leidt tot lange files en bijkomende rompslomp, zo stelt VDV. "De beroepsorganisatie is samen met Unizo, de Unie van Zelfstandige Ondernemers, wel vragende partij om de BTW-verlaging, die door deze wet werd ingevoerd op bepaalde dranken, toe te passen op alle dranken om in de grensstreek de concurrentie te kunnen aangaan met de detailhandel in de buurlanden", zo besluit de VDV. (De Nieuwe Gazet)

Een eventuele beursgang van netbeheerder Elia zal waarschijnlijk pas begin 2005 plaats vinden. Dat zei gedelegeerd bestuurder Willy Bosmans van Electrabel op een conference call met analisten maandagmorgen. "Er is nog een mogelijkheid voor 2004, maar het zal waarschijnlijk pas begin 2005 gebeuren", aldus Bosmans. Als reden voor de vertraging verwees hij naar de huidige onzekerheid over het wettelijk kader. "Belgie is momenteel bezig met de omzetting van de tweede Europese richtlijn in Belgische wetgeving. Dat creëert onzekerheden, onder meer wat betreft de mogelijkheid voor Elia om meerjarige tarieven in te voeren". Anderzijds verwacht Electrabel volgens Willy Bosmans dat de elektriciteitscentrale in Voghera (Italie), die momenteel in aanbouw is, kan starten in februari 2005. Het gaat om een centrale op aardgas met gecombineerde cyclus, die een elektrisch vermogen zal krijgen van 380 megawatt (MW). Electrabel heeft intussen alle vergunningen gekregen voor de bouw van een andere elektriciteitscentrale in Rosignano (Italie). De werken daarvoor zullen spoedig starten, zodat de centrale klaar zal zijn in 2006. Het wordt eveneens een centrale op aardgas met een gecombineerde cyclus. (De Morgen)

Antwerps schepen voor personeelszaken Marc Van Peel (CD&V) vindt de uitspraken van VLD'er Christian Leysen als zouden er teveel stadsabmtenaren zijn in Antwerpen onjuist, onverstandig en onbelangrijk. Leysen zei maandag in Gazet van Antwerpen dat Antwerpen het met 15 tot 20 procent minder ambtenaren zou kunnen doen. Marc Van Peel vindt die uitspraak onjuist. "Op 20 jaar tijd is het aantal ambtenaren in deze stad gehalveerd," zegt hij. "Bovendien spelen we deze legislatuur kort op de bal en hebben we het personeelsbestand steeds strakker aangehaald", zegt de schepen. Van Peel noemt de uitlatingen van Leysen ook "onverstandig". Het stadsbestuur probeert immers door herschikkingen het personeel beter te verdelen volgens de noden van de diensten en dat is een operatie die niet eenvoudig is. De schepen noemt de verklaringen van Leysen ook "onbelangrijk". "Hij is voorzitter van de VLD in Berchem. Wanneer de sp.a-voorzitter van Merksem bijvoorbeeld zoiets zou doen, kan ik me niet voorstellen dat dat zoveel aandacht zou krijgen", aldus Van Peel. (Gazet van Antwerpen)

08:22 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

30-08-04

Grootste gsm-penetratie bij middelbare leeftijd

De intensiefste sms-gebruikers zijn terug te vinden in de leeftijdscategorie van 35 tot 49 jaar. Deze opmerkelijke vaststelling blijkt uit een studie van Enpocket, een Amerikaanse aanbieder van mobiele marketing-toepassingen. Jonge volwassenen maken wel het meest gebruik van de recentste mobiele toepassingen.

(Foto: Jonge volwassenen maken het intenstiefst gebruik van de nieuwse gsm-technologieën. – LAJ)

In de Verenigde Staten heeft 61 procent van de bevolking een mobiel toestel. Uit de studie bleek echter dat mannen meer gebruik maken van een gsm-apparaat (63 procent) dan vrouwen (59 procent). “Maar wanneer we een onderscheid maken in leeftijdscategorieën, stoten we op opvallende vaststellingen,” merken de onderzoekers op. “Jongere leeftijdscategorieën – vooral tussen 18 en 35 jaar – gebruiken iets meer het gsm-toestel dan het Amerikaanse gemiddelde, maar met 71 procent heeft de mobiele telefoon bij de 35- tot 49-jarigen de hoogste penetratiegraad.”

Vanaf vijftig jaar is de gsm een veel minder voor de hand liggend attribuut. “Vooral boven de 55 jaar neemt het gsm-gebruik opmerkelijk af,” stelt Enpocket. “Opvallend aan deze resultaten is het feit dat de gsm zo populair is bij de middelbare leeftijd, terwijl er toch altijd verondersteld werd dat de technologie vooral gebruikt zou worden door de jongere volwassenen.”

Enpocket merkt dat op het gebied van inkomen een meer verwacht resultaat wordt bevestigd. “Hoe hoger het inkomen, hoe hoger de gsm-penetratie is,” merken de onderzoekers op. “Bij de bevolkingsgroep die minder dan 20.000 dollar per jaar verdient ligt de penetratie op 38 procent, maar bij inkomens van meer dan 75.000 dollar stijgt dit tot 83 procent.”

Hoewel de groep Amerikaanse jonge volwassenen niet de grootste gsm-penetratie kent, zijn zij volgens Enpocket op de volwassenen-markt wel de leiders op het gebied van het downloaden van spelletjes op hun mobiele toestellen. “Iets meer dan tien procent van de 18- tot 25-jarigen – een groep van 2 miljoen Amerikanen - hield zich daar in het tweede kwartaal van dit jaar mee bezig, maar tijdens het derde kwartaal verdubbelde dit tot 22 procent,” wordt er benadrukt. “In totaal laden 7,7 miljoen volwassen Amerikanen spelletjes op hun gsm, tegenover 4,4 miljoen tijdens het tweede kwartaal.”

Dit laat volgens Enpocket toe te besluiten dat jonge volwassenen bij de mobiele telefonie meer gebruik maken van de nieuwste technologieën. “Aangezien deze diensten een belangrijk inkomen garanderen voor de mobiele providers, is het begrijpelijk dat ze het gebruik van deze nieuwe diensten bij de jongere generatie promoten, terwijl ze zich voor de meer klassieke toepassingen op de oudere generatie richten.”

22:13 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Europa wordt marktleider mobiel internetten

Vanaf 2006 zal Europa het grootste aantal notebook-gebruikers tellen dat via mobiele telefoon verbinding zoekt met het internet. Dat voorspelt het Britse onderzoeksbureau ARC Group. Het zou daarbij gaan om ruim 35 miljoen gebruikers.

(Foto: Europa wordt leider op het gebied van mobiel internetten. – LAJ)

ARC stelt dat Noord-Amerika met 4,4 miljoen gebruikers op dit ogenblik nog altijd koploper is van het zogenaamd Wireless Wide Area Network (WWAN). Europa en Azie volgen met elk ongeveer 3 miljoen gebruikers. Volgens het Britse onderzoeksbureau zal het gebruik van smartphones om mobiel online te gaan veel groter zijn dan van notebooks in combinatie met een gewoon mobiel toestel. Europa neemt in 2006 volgens ARC ook bij deze toegangsmethode de leiding. Geschat wordt dat het continent dan ruim 35 miljoen gebruikers tellen.

Volgens het Nederlandse bureau Flying Bytes zal in 2006 ook vijftig procent van de contacten tussen automobielbedrijven en klanten via de sms verlopen. FB-directeur Niels van den Berg baseert die uitspraak op het feit dat er tussen het automobielbedrijf en zijn klanten relatief veel korte berichten uitgewisseld worden. “Een ander feit is dat bijna iedere klant mobiel bereikbaar is en bovendien is sms enorm populair,” stelt hij.

Van den Berg wijst erop dat professionele sms-systemen bovendien steeds toegankelijker worden voor bedrijven. “Een sms-bericht is ideaal om de klant te herinneren aan de autokeuring of een servicebeurt of de klant te berichten dat de auto na reparatie of keuring weer klaar staat,” merkt hij op. “Al deze berichten kunnen met sms veel sneller, eenvoudiger en goedkoper naar de klant worden gecommuniceerd dan via een telefoongesprek of via het verzenden van een poststuk.”

In Amsterdam is inmiddels een sms-proefproject gestart rond locatiegebonden diensten. “Wie een sms stuurt met het woord ‘monument’ of ‘museum’, ontvangt een bericht met de gevraagde gegevens op de mobiele telefoon, laptop of handcomputer,” meldt het tijdschrift Adformatie. “De locatie wordt vastgesteld door middel van de mobiele telefoon. Als het initiatief succes heeft, krijgt het in 2005 vaste vorm.”

Het project kreeg de naam ‘Cultuur in de Buurt’ en de culturele informatie wordt geleverd door de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, het Amsterdams Uitburo, de Nederlandse Museumvereniging en de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek. “Vodafone is vooralsnog de enige mobiele operator die aan het project meedoet, omdat deze maatschappij als enige locatiegegevens opslaat,” merkt Adformatie op. “Het is wel de bedoeling om ook de andere operators te laten deelnemen.” Nico Baken, professor aan de Technische Universiteit Delft, vertelde aan het tijdschrift ervan uit te gaan dat location based services binnen enkele jaren in alle sectoren van de samenleving vertegenwoordigd zullen zijn.

16:52 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Google laat bloggers geld verdienen

Wie als weblogger actief is bij Blogger kan binnenkort geld verdienen via het Adsense-programma van Google. Adsense plaatst contextuele reclame op de weblog en deelt vervolgens de opbrengst met de maker. Ook netwerksite LinkedIn is inmiddels begonnen met het plaatsen van reclame van zijn eigen leden.

(Foto: Sociale netwerken hebben ook zakelijke mogelijkheden – LAJ)

Google kocht Blogger in februari 2003 en heeft sindsdien een betaalde versie van de weblog-software geschrapt. Inmiddels is de reclame op de gratis BlogSpot weblogs ook verdwenen en vervangen door een zoekvenster voor Google. Voortaan kunnen webloggers ook gebruik maken van Adsense.

Google meldt daarbij te starten met het betalen van bloggers. De zoekmachine stelt dat zij in het verleden geld verdiende aan deze reclame, terwijl de bloggers niets kregen. De opbrengst van de reclame zal voortaan verdeeld worden tussen Google en de weblogger. Met behulp van Adsense komt op de weblog reclame die verband houdt met de inhoud van de berichten die geplaatst wordt. Hoe de winst juist verdeeld zal worden, meldde Google voorlopig nog niet.

Ook de zakelijke netwerksite LinkedIn is inmiddels begonnen met het plaatsen van reclame. Leden kunnen hun diensten, producten of vaardigheden onder de aandacht brengen van de andere leden van de site. Een tekstadvertentie over alle pagina’s van de site kost voor een week 595 dollar en voor drie dagen 295 dollar.

Bloggers zijn trouwens niet de enige online netwerken die op een mogelijk business-model afstevenen. De jongste jaren is er trouwens een hele generatie nieuwe bedrijven ontstaan die business-networkingdiensten aanbieden. “Het gaat hier om in mindere of meerdere mate besloten clubs waar mensen kennis met elkaar maken en vriendschappen sluiten - zoals ook op sociaal-netwerksites als Friendster gebeurt - maar dan voor zakelijke doeleinden,” schrijft het tijdschrift The Economist. “Het idee is dat men makkelijker bijvoorbeeld een baan of een nieuwe werknemer vindt als men via zijn vrienden in het netwerk wordt geïntroduceerd.”

The Economist stelt dat ondertussen honderdduizenden mensen zich al bij dergelijke businessnetwerken. “De businessmodellen van deze firma’s lopen uiteen en de beste manier om er geld mee te verdienen is nog niet uitgekristalliseerd,” wordt er opgemerkt. “Ryze, één van de winstgevende businessnetworkingfirma’s, verdient z’n geld onder meer met kaartjes voor de offline networkingbijeenkomsten in grote steden die maandelijks door de firma worden georganiseerd. LinkedIn is met 400.000 geregistreerde gebruikers de grootste.”

15:32 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Waarom kost Betuwelijn zoveel?

Een commissie van de Nederlandse tweede kamer onder leiding van Adri Duivesteijn (PvdA) is vandaag begonnen met haar onderzoek naar de hoge kosten van megaprojecten als de Betuwelijn en de HSL-Zuid. Centraal daarbij staat de vraag hoe de kosten in de toekomst beter beheerst kunnen worden. Het gaat er volgens het dagblad De Volkskrant vooral om welke invloed de tweede kamer heeft op dergelijke grote projecten.

(Foto: De kosten van de Betuwelijn en de HSL-Zuid swingen de pan uit. – LAJ)

“Toen de tweede kamer in 1993 aanvullende eisen aan de Betuweroute stelde, verzekerde toenmalig premier Lubbers dat er hoogstens enkele honderden miljoenen bij mochten,” wordt er opgemerkt. “Anders zou het kabinet afhaken. Van de aanvankelijk geraamde ruim 1 miljard euro staat de teller voor de goederenspoorlijn inmiddels op 6,3 miljard euro.”

De Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten zal zestig getuigen horen, onder wie oud-minister Kroes van verkeer en waterstaat, enkele voormalige ministers, oud-premier Wim Kok, minister Zalm van financiën en minister Peijs van verkeer en waterstaat). “Het gaat niet om een parlementaire enquête en dus zijn getuigen niet verplicht om te komen,” stipt de krant aan. “De verhoren duren tot en met 17 september. De verhoren worden vanaf 9.15 uur rechtstreeks door de NOS uitgezonden.”

Megaprojecten als de Betuwelijn en de HSL vallen miljarden hoger uit dan geraamd. De parlementaire onderzoekscommissie wil de miljarden verslindende Betuweroute en de Hogesnelheidslijn (HSL) onder de loep nemen. Daarbij wil men zich afvragen hoe het kon gebeuren dat de kosten van die megaprojecten gierend uit de hand liepen.

Commissie-voorzitter Adri Duivesteijn vertelde aan de krant niet te verwachten dat er fraude op grote schaal aan het licht zou komen. “Het onderzoek is ook niet bedoeld als herhaling van de parlementaire bouwenquête, die er op gericht was om gesjoemel en malversaties bloot te leggen,” stelde hij. “Zo'n enquête is ook een zwaarder middel dan een parlementair onderzoek, waarom het nu gaat.”

In essentie draait het onderzoek volgens de krant om de vraag welke invloed de Nederlandse tweede kamer heeft op projecten die zo groot zijn dat eigenlijk niemand er zicht op heeft. “Politieke partijen varen blind - bleek uit het vooronderzoek - op de specialisten in de fractie die de grote werken in hun portefeuille hebben,” schrijft Theo Koelé in de krant. “Hoe komen die Kamerleden aan hun informatie? Welke lobby's oefenen invloed op hen uit? Zijn ze in staat om tegenstrijdige gegevens te beoordelen? De megaprojecten strekken zich uit over een periode van vele jaren, terwijl parlementsleden vaak niet meer dan vier jaar in de Kamer zitten.”

De Betuweroute kwam onder verkeersminister Kroes van Verkeer (1982-1989) op de politieke agenda. “Morgen mag ze de kamercommissie uitleggen hoe dat zo gekomen is,” aldus Koelé. “Vast staat dat Kroes, die op het punt staat Europees commissaris voor mededinging te worden, te maken had met een stevige Rotterdamse lobby. Die wilde een goederenspoor tussen de havenstad en de Duitse grens, als alternatief voor het wegtransport.”

Opgemerkt wordt dat één van de sleutelfiguren van deze lobby weigert in het openbaar gehoord te worden. “Havenbaron Wormmeester, jarenlang topman van het containerbedrijf ECT, wenst zijn rol niet uit de doeken te doen,” stipt de krant aan. “Hier wreekt zich het feit dat de Kamer niet gekozen heeft voor haar zwaarste wapen, namelijk de parlementaire enquête. Daarbij zijn personen verplicht op te dagen en worden zij onder ede verhoord.”

Aanleiding voor het parlementair onderzoek was de beslissing van de vorige verkeersminister De Boer (LPF) om vlak na het aantreden van het eerste kabinet-Balkenende grote bedragen opzij te leggen voor tegenvallers bij zowel de Betuweroute als de HSL-Zuid, de snelle spoorlijn tussen Amsterdam en de Belgische grens. “De Kamer voorzag dat er nog lang geen einde was gekomen aan de kostenoverschrijdingen,” aldus Koelé. “Bij de Betuwelijn bedraagt de overschrijding tenminste 50 procent. De kosten worden nu geraamd op 5,5 miljard euro. Bij de HSL gaat het om een vergelijkbaar bedrag.”

Met nieuwe megaprojecten in zicht - zoals de Zuiderzeelijn – wil de Nederlandse kamer volgens de krant weten wat er in de andere dossiers mis is gegaan. “De commissie-Duivesteijn zal aan het slot van het onderzoek formuleren hoe de Kamer idealiter betrokken zou willen zijn bij grote infrastructuurprojecten,” stelt de krant.

14:07 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Waar is ons geld naartoe?

Bedrijven weten amper welke aankopen ze doen. Daarmee gooien ze volgens het onderzoek European Spend Agenda van het bureau Vanson Bourne miljoenen euro’s per jaar langs vensters en deuren naar buiten.

(Foto: Bedrijfsleiders weten vaak niet wat hun ondernemingen allemaal aankopen. – LAJ)

Het onderzoek, dat eerder dit jaar werd opgezet, is het derde in de rij dat Vanson Bourne uitvoert voor de London Business School en het bedrijf Ariba, gespecialiseerd in e-procurement. “Daarbij kwam men tot de veststelling dat het centrale management van de bedrijven nauwelijks een zicht heeft op het aankooppatroon van de onderneming,” schrijft Andy McCue in Silicon.com. “Dat leidt tot een versnipperd en duur aankoopbeleid.”

Een groot gedeelte van de ondervraagde bedrijfsleiders gaf toe slechts een minimaal zicht te hebben op het aankoopbeleid van hun onderneming. “Problemen vinden we vooral op het gebied van marketing, consulting, internet, zakenreizen, interim-personeel en logistiek,” merken de onderzoekers op. “Nochtans hebben deze afdelingen een groot aandeel uit de globale uitgaven van een onderneming.”

Volgens Jamie Anderson, onderzoeker aan het Centre for Management Development aan de London Business School, wordt het probleeem vooral veroorzaakt door het feit dat aankoopverantwoordelijken meestal geen zetel hebben in de directieraden. “Daardoor kunnen ze weinig invloed uitoefenen op de andere afdelingen,” merkt hij op. “In bedrijven waar de aankoopverantwoordelijke wel in het directiekader is opgenomen, blijkt het aankoopbeleid ook veel doorzichtiger te zijn.”

Hij drukte dan ook op het belang van een centrale controle op de aankopen. Maar Roy Ayliffe van het Chartered Institute of Purchasing Supply stelt dat bedrijfsleiders meer geneigd zijn om rekening te houden met de woorden van hun financiële en verkoopsdirecteur. “Nochtans kan een goed aankoopbeleid een belangrijke besparingspost zijn,” benadrukt hij.

“Maar bedrijfsleiders komen meestal uit een financiële achtergrond, of uit sales, marketing of operationele departementen,” voegt hij er aan toe. “Het is dan begrijpelijk dat ze zich focussen op dingen waar ze zich het meest vertrouwd mee voelen.” Anderson voegt er aan toe dat meestal de technologische kaders bepalen welke (elektronische) aankoop-systemen er door het bedrijf gebruikt zullen worden, terwijl diegenen die er moeten mee werken meestal daarbij weinig of niets in te brengen hebben.

Toch denkt Graeme Opie, onderzoeksdirecteur van Vanson Bourne, dat bedrijven door een eis naar optimaal beleid en sociale verantwoordelijkheid gedwongen zullen worden om het aankoopbeleid ernstiger te nemen en er een centrale plaats zullen voor voorzien op de directie-agenda’s. “Bedrijven moeten weten wat er besteed en uitgegeven worden,” merkt hij op.

12:17 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Jeeps gevaar voor de woestijn?

Jeeps veroorzaken ernstige schade aan de woestijn. Die waarschuwing lanceerde de Britse professor Andrew Goudie, docent aan de Uninversiteit van Oxford. Hij stelt dat de massa jeeps de beschermlaag van de woestijn kapotrijden en zand opblazen. Hij heeft het daarbij over de toyatisering van de woestijn.

(Foto: Woestijnstormen hebben een gote invloed op landschappen, mensen, dieren en culturen in een groot deel van de wereld. - LAJ)

“Het aantal zandstormen in de Sahara is sinds het eind van de jaren veertig vertienvoudigd,” schrijft Sanjay Suri in het Nederlands Dagblad. “Per jaar worden honderden miljoenen ton stof in de atmosfeer geblazen, met wereldwijde negatieve consequenties voor mens en dier.”

De voornaamste oorzaak van die evolutie is de klimaatverandering. “Maar woestijnspecialist Andrew Goudi waarschuwt ook voor wat hij de toyotisering van de woestijn noemt,” aldus Suri. “Veel te veel jeeps rijden de beschermlaag van de woestijn stuk en blazen zand op.” Als het aan hem lag, zouden terreinwagens met vierwielaandrijving niet langer buiten de verharde wegen mogen rijden.

Goudie geeft toe dat de jeeps niet de grootste oorzaak van de toename van de stofstormen zijn. “Het grote probleem wordt gevormd door een voortschrijdende verwoestijning door de klimaatverandering en op sommige plaatsen overbegrazing, maar de auto’s veroorzaken wel degelijk ernstige schade,” stelt hij. “De voertuigen zijn zonder twijfel een belangrijke factor rond grote steden als Caïro, waar ze in groten getale in de zandvlaktes rondtoeren, ieder over zijn eigen spoor.”

De schade ontstaat volgens de hoogleraar omdat de meeste woestijnoppervlakken bedekt zijn met een beschermlaag van korstmossen, klei, algen of keien, boven op de laag met fijn zand. “Wagens rijden de beschermlaag kapot en waaien het fijne stof op,” stelt hij. “Die stofwolken dragen op termijn bij aan woestijnstormen.”

Suri stelt dat een stofstorm gewoonlijk 200 kilometer breed is en tussen de twintig en de dertig miljoen ton zand mee draagt. “De gevolgen van die stormen blijven niet beperkt tot woestijnlanden,” aldus de krant. “Saharastormen verspreiden het rode, fijne zand over de hele wereld. Ze leggen een rode waas over de Alpen en hebben volgens Goudie zelfs al schade toegebracht aan de koraalriffen in de Caraïben, zo tonen Goudies studies aan.”

De hoogleraar heeft volgens Suri ook bewijzen gevonden dat het stof ook zout meevoert, wat de landbouw in verafgelegen gebieden schade kan toebrengen. “Dat kan op zijn beurt weer leiden tot meer woestijn en meer stof,” aldus Goudi. “Woestijnstof kan ook rechtstreeks op de luchtwegen inwerken. Bij het Aralmeer in Kazachstan vertonen de omwonenden allergische reacties omdat het stof vaak ziektekiemen en pesticiden meedraagt.”

Volgens Goudie wordt jaarlijks tot drie miljard ton stof in de atmosfeer geblazen. Bijna de helft van het woestijnstof boven de aarde komt van de Bodele-regio vlak bij het bijna volledig uitgedroogde meer op de grensregio tussen Tsjaad, Kameroen, Nigeria en Niger. “Toch nemen verwoestijning en gevolgen als stofstormen niet overal ter wereld toe,” merkt hij op. “In Australië, de Verenigde Staten en China is de hoeveelheid stof in de atmosfeer verminderd, voornamelijk door veranderingen in klimaatpatronen, maar ook door verbeterde landbouwmethodes.”

09:55 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Economie in de media

De Post telt sinds begin dit jaar 1.250 voltijdse postmannen minder. Die konden afvloeien dankzij de geleidelijke invoering van de verbeteringsprogramma's zoals Georoute en Poststation. De hervormingen bij De Post beginnen stilaan op snelheid te komen. Dat bleek ook uit de halfjaarcijfers die het overheidsbedrijf vrijdag gepubliceerd heeft. De groep boekte tijdens de eerste jaarhelft een nettowinst van 88,8 miljoen euro tegenover 29,7 miljoen euro een jaar eerder. De Post slaagde er niet alleen in om haar inkomsten te verhogen met 5,6 procent, maar kon ook de kosten drukken. Die namen met 0,7 procent af. Die kostendaling is vooral te danken aan de afvloeiing van 1.250 voltijdse postmannen sinds begin dit jaar. De Post wil dit jaar 2.130 voltijdse banen schrappen. In 2003 gingen al 979 voltijdse banen verloren. De Post telt op dit ogenblik nog 37.500 voltijdse banen. De ambitie is om het tegen 2007 met circa 8.500 postmannen minder te doen. Dat kon dankzij de verdere uitvoering van de verbeteringsprogramma's zoals Georoute, het computersysteem dat de nieuwe postrondes uittekent, en Poststation, het systeem dat het werk aan de loketten efficiënter moet laten verlopen. Het gaat om natuurlijke afvloeiingen. Postmannen kunnen op de leeftijd van 56 jaar al met brugpensioen. Een verlenging van die maatregel staat dit najaar op de agenda van de cao-onderhandelingen, net als de inkorting van de werkweek van 38 naar 36 uur. Die kortere werkweek werd in 2000 aan de postmannen beloofd tegen het einde van het jaar, maar daar is nog niets van in huis gekomen. (De Standaard)

De Belgische non-ferrogroep Umicore heeft over het eerste halfjaar 2004 een geconsolideerd nettoresultaat behaald van 100,7 miljoen euro. Dat is een stijging met 356 procent tegenover de 28,3 miljoen euro die in het eerste semester van vorig jaar gerealiseerd werd. De recurrente ebit steeg met 340 pct, van 47,8 miljoen euro tot 162,5 miljoen euro. Dat meldt Umicore vrijdag in een persbericht. Voor heel 2004 trekt Umicore de verwachting voor de recurrente ebit voor goodwill-afschrijving opnieuw op, van 260-275 miljoen euro tot 280-290 miljoen euro. Zowel de nettowinst als de recurrente ebit overtreffen ruimschoots de verwachtingen van analisten, die nochtans al hooggespannen waren. Op basis van vier beurshuizen bedroeg de gemiddelde analistenverwachting voor de nettowinst 77,2 miljoen euro en voor de recurrente ebit 134,6 miljoen euro. Umicore schrijft de forse stijging van de resultaten toe aan de overname van de PMG-activiteiten en een forse toename van de verkoop in de meeste segmenten. (De Tijd)

De stad Antwerpen gaat op zoek naar privé-partners om het recent opgerichte topsportfonds mee te financieren. Dat heeft schepen voor Sport Chantal Pauwels (Groen!) gezegd. Volgens Pauwels toont de bedrijfswereld interesse voor het fonds. Het topsportfonds bevat nu 1,5 miljoen euro voor topsportclubs. Vrijdag keurde het stadsbestuur het reglement goed dat bepaalt wie in aanmerking komt voor die subsidies. Om het fonds in de toekomst verder te spijzen, wil het stadsbestuur een beroep doen op de privé-sector. Zo denkt het aan een systeem waarbij clubs sponsors aanbrengen. De clubs zelf zouden dan de helft van het geld exclusief voor zich mogen houden. De andere helft blijft in het topsportfonds. (Gazet van Antwerpen)

De stad Antwerpen zal tijdelijke krachten aanwerven om de achterstand bij de aanleg van straten en pleinen in de districten weg te werken. De nieuwe krachten komen er enkel voor die districten die er mee voor betalen. De districten trokken een tijd geleden aan de alarmbel omdat een kwart van de werken niet tijdig kon worden uitgevoerd. De vertraging is te wijten aan personeelstekort bij de dienst Stadsontwikkeling/openbaar domein, die onder meer instaat voor de opmaak van de bestekken. Het stadsbestuur wil nu gedurende een aantal weken uitzendkrachten aanwerven om de achterstand weg te werken. Voorwaarde is wel dat de districten hen betalen. De districten die dat niet doen, zullen geen gebruik kunnen maken van de extra service. (De Nieuwe Gazet)

Het Voedselagentschap heeft sojabereidingen uit de VS in beslag genomen omdat het product een inbreuk maakte op de ggo-wetgeving. De voedingsmiddelen bevatten ofwel toegelaten ggo's (genetisch gewijzigde organismen) in te hoge hoeveelheden ofwel niet toegelaten ggo's bevatten (maïs GA21), zo meldt het agentschap in een persbericht. "De hele partij (16 verpakkingen) werd niet ter consumptie aangeboden en zal worden vernietigd", aldus het communiqué. Het gaat om de eerste dergelijke inbeslagname in België. Het Voedselagentschap voert controles op ggo's uit ter opsporing van overschrijdingen van de norm van 0,9 procent voor wat de toegelaten ggo's betreft, en ter opsporing van verboden ggo's. Een controleplan werd opgesteld waarin voor 2004 438 monsternemingen gepland zijn in België. Tot op heden werden 167 monsters ontleed, waarvan 140 sinds de toepassing van de Europese Verordening eind april 2004. Slechts een enkel resultaat was positief. (Het Belang van Limburg)

Unizo maakt zich zorgen over het stijgend aantal winkeliers dat de boeken definitief sluit na één of meerdere overvallen. Exacte cijfers bestaan er volgens de Unie van Zelfstandige Ondernemers niet, wél melden er zich de jongste tijd veel winkeliers die hun hart willen luchten over wat ze hebben meegemaakt. "We krijgen opvallend veel brieven van zelfstandigen die afhaken en nog één keer hun verhaal willen doen. De meesten waren het slachtoffer van gewapende overvallers. In hun verhalen komen de ontgoocheling en de machteloosheid naar boven,” zegt juridisch adviseur Kris Baetens van Unizo. Die gevoelens spitsen zich vooral toe op het gerecht. Want als de daders al worden gearresteerd, worden ze veel te snel vrijgelaten. Bovendien hebben de slachtoffers het gevoel dat de daders meer rechten hebben dan zijzelf. Uit cijfers van de federale politie blijkt dat er vorig jaar in ons land 421 ramkraken werden gepleegd, tegenover 324 in 2002 en 274 het jaar daarvoor. De voornaamste doelwitten van overvallers blijven - in die volgorde - elektrozaken, kledingzaken, warenhuizen, juweliers en benzinestations. (Het Volk)

De kusttram vervoerde tijdens de zomermaanden ruim 3,2 miljoen klanten. Dat is een stijging met bijna 4 procent in vergelijking met vorig jaar. Vlaams minister van mobiliteit Kathleen Van Brempt (sp.a) maakte de cijfers zaterdag bekend. In vergelijking met zes jaar geleden gaat het om een stijging met 76 procent. Volgens de minister is het zo dat als men bedenkt dat gemiddeld 1,25 personen de wagen gebruiken, dat dat betekent dat de kustttram ongeveer 2,5 miljoen autoritten heeft opgevangen aan de kust. Ongeveer 500.000 reizigers of 16 procent van de klanten waren 65-plussers. De reden voor het succes zijn ondermeer het gebruiksgemak, de gunstige tariefmaatregelen, en de combinatie van kusttram met attracties en evenementen. (De Gentenaar)

Het Waals gewest is geenszins in staking van betaling. Daar werd op gehamerd door minister-president Jean-Claude Van Cauwenberghe en Waals minister van Begroting Michel Daerden. Beiden ontkenden informatie die in de Franstalige pers is verschenen. Wel is duidelijk dat het Waals gewest nog dit jaar voor een besparingsoperatie staat. In juli maakten de onderhandelaars voor de vorming van een nieuwe Waalse regering bekend dat het Waals gewest in 2004 met een budgettair tekort van 118 miljoen euro kampt. Dat is onder meer te wijten aan meeruitgaven ter waarde van 79,4 miljoen euro (vooral in het departement landbouw toen dat nog in handen van José Happart was). Om het gat van 118 miljoen euro te dichten, zou er 56 miljoen euro bespaard worden bij de verschillende departementen. De budgettaire kredieten zouden met 2 procent worden teruggeschroefd. Het gaat om een zware oefening vermits het kredieten op jaarbasis betreft en er vóór het einde van het jaar nog maar enkele maanden resten. De beperking heeft vooral betrekking op facultatieve uitgaven. Personeelsuitgaven, schuldlasten en het Gemeentefonds zouden niet onder de maatregel vallen. Om te vermijden dat de bedragen die moeten bespaard worden toch zouden worden uitgegeven, werd een administratieve rondzendbrief opgesteld die een en ander blokkeert. (De Morgen)

Niet alleen de elektriciteitsproducenten zelf, maar ook de federale overheid zijn de hoofdbegunstigden van de liberalisering van de energiemarkt. Dat zegt Jef Gabriels, de voorzitter van de Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten (VVSG). Gabriels baseert zich voor zijn uitspraak op een studie van de consumentenorganisatie Test-Aankoop. Die becijferde dat een gemiddeld gezin in Vlaanderen een jaar na de stroomliberalisering 50 euro per jaar meer moet betalen voor zijn elektriciteit. Hij verwijst ook naar de berekening van de CREG, de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas, waaruit blijkt dat de Vlaamse gemeenten door de liberalisering van de elektriciteit jaarlijks 250 miljoen euro en 100 miljoen euro door de liberalisering van het gas verliezen. Gabriels wijst er evenwel op dat vooral de Vlaamse gemeenten slachtoffer van de liberalisering van de elektriciteit zijn geworden. Zo verliezen de lokale overheden door de liberalisering zo'n 80 miljoen euro en dat ondanks de invoering van de Elia-taks, zo luidt het. "Dit toont onmiskenbaar aan dat de voormalige federale regering Verhofstadt I de Vlaamse gemeenten en de Vlaamse burgers gebruikte om inkomsten te verwerven voor zichzelf en voor de producent en daarbij niet in het minst gehinderd werd door de toenmalige Vlaamse regering die een niet te missen voorzet gaf door zo snel mogelijk te willen liberaliseren", aldus nog Gabriels. (Het Laatste Nieuws)

De Franstalige christelijke vakbond CCSP dagvaardt Buitenlandse Zaken omdat de ambtenaren van het departement die in het buitenland een post bekleden, geen vakantiegeld krijgen. Het gaat luidens een mededeling van de vakbond vrijdag om de enige categorie ambtenaren die geen enkele vorm van vakantiegeld krijgt. "Het gaat om een belangrijk probleem. De ambtenaren die werken in het buitenland - diplomaten, consuls, attachés en andere leden van lagere rang - krijgen geen vakantiegeld", aldus Jean-Pierre Leonet van de CCSP. Buitenlandse Zaken vindt dat de vergoedingen die verbonden zijn aan de post volstaan, maar de CCSP is het daar niet mee eens. De overheidsvakbond staat de invoering voor van vakantiegeld, zoals een dertiende maand. "De ambtenaren die op vakantie komen in België hebben onkosten en het is normaal dat ze ook recht hebben op vakantiegeld", aldus nog Leonet. (Het Nieuwsblad)

TUI Airlines Belgium, de luchtvaartmaatschappij die vliegt voor touroperator Jetair, voert geen nieuwe brandstoftoeslag door en bevriest de vakantieprijzen tot het einde van het zomerseizoen. Dat meldde Jetair in een persbericht. Ook Thomas Cook voert geen nieuwe stijging door. De bevriezing bij TUI geldt voor de reizen van Jetair Vliegvakanties, Jet Only, VIP Selection en Sunjets, en dit tot het einde van het huidige zomerseizoen (eind oktober), luidt het. Nadien volgt een nieuw seizoen, met nieuwe prijzen die niet noodzakelijk hoger zullen liggen. Ook reisorganisator Thomas Cook, die samen met Jetair goed is voor ruim driekwart van de Belgische reismarkt, behoudt de huidige prijzen tot eind oktober. In de loop van de maand mei beslisten verschillende luchtvaartmaatschappijen en reisorganisatoren om een eerste keer een brandstoftoeslag aan te rekenen aan de klanten, onder druk van de stijgende olieprijzen. Ook TUI en Thomas Cook deden dit toen. De voorbije weken kondigden onder meer KLM, British Airways en het Belgische SN Brussels Airlines opnieuw een verhoging aan. Dat voorbeeld volgen Jetair en Thomas Cook dus niet. Virgin Express verklaarde eerder al de beslissing over een eventuele nieuwe toeslag zo lang mogelijk uit te stellen. (De Standaard)

De wet op de ecoboni heeft de verkoop van goedkopere, herbruikbare flessen niet doen stijgen. Integendeel. Uit de cijfers van de onderzoeksbureaus AC Nielsen en GfK blijkt dat in de drie maanden na de invoering van de ecoboni het marktaandeel van herbruikbare verpakkingen zelfs achteruit is gegaan. Volgens AC Nielsen daalde het marktaandeel van glazen flessen in de waterverkoop van 4 naar 3,5 procent. De cijfers van GfK laten eenzelfde tendens zien. De Federatie van Belgische distributie-ondernemingen (Fedis) noemt de wet op de ecoboni een dure slag in het water. “De consument heeft zijn aankoopgedrag niet veranderd,” luidt het. Het kabinet van minister van Financiën heeft nog geen verkoopcijfers van drankverpakkingen. Een evaluatie van de wet is voor oktober gepland. Dan moet ook blijken of de operatie financieel neutraal is: de minderinkomsten door de BTW- en accijnsverlagingen zouden moeten gecompenseerd worden door de opbrengsten van de verpakkingsheffing. (VRT)

08:53 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

29-08-04

Levenslang leren steeds meer online

DOSSIER: JONGEREN

Steeds meer wordt de nadruk op levenslang leren. Afgestudeerden worden niet langer beschouwd als volleerd. Met de opkomst van het internet werd ook e-learning een mogelijkheid en bedrijven lijken daarbij meer en meer op in te spelen.

(Foto: Jongeren moeten er rekening mee houden dat ze levenslang zullen moeten bijscholen. – LAJ)

Het onderzoek van het Center for Business Practices (CBP) wees uit dat veertig procent van de bedrijven daarbij opleidingen organiseert buiten het bedrijf. “Daarnaast zet 22 procent van de ondernemingen cursussen op binnen de eigen muren, maar 34 procent heeft zich inmiddels al toegelegd op e-learning,” merken de onderzoekers op.

Het CBP stipt aan dat de Amerikaanse bedrijven vorig jaar gemiddeld 142.305 dollar besteden aan trainingen van het personeel. “Dat betekent een bedrag van 1.734 euro per werknemer,” wordt er aan toegevoegd. “Ongeveer 45 procent zegde van plan te zijn om in 2004 de investeringen in opleidingen van het personeel op te drijven.”

Voor de training werd door 57 procent van de bedrijven beroep gedaan op derden, meestal een consulentenbureau of een gespcialiseerde trainings-organisatie. In de meeste gevallen werd volgens het tijdschrift Training Magazine daarbij teruggevallen op het traditionele model van de lesgever voor de klas.

“In 2002 werd dit model door 74 procent van de bedrijven gebruikt,” aldus het magazine. “Op dat ogenblik deed amper 12 procent beroep op computer-lessen zonder fysieke aanwezigheid van een instructeur.” Maar volgens IDC zullen de online opleidingen binnen de bedrijven in 2004 een groei van ongeveer veertig procent kennen.

19:47 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Moet overheid interim-jobs aanbieden?

DOSSIER: JEUGD

Een diploma is al lang niet meer een garantie op een job. Vele afgestudeerden blijven lange tijd werkloos, wat niet zelden leidt tot een verlies aan zelfrespect. In Japan lopen er echter experimenten om de overheid aan die jongeren interim-jobs aan te bieden, zodat ze de voeling met de arbeidsmarkt niet zouden verliezen.

(Foto: Langere werkloosheid kan het zelfrespect van jongeren aantasten. – LAJ)

“Er zijn misschien heel wat jongeren die echt niet geïnteresseerd zijn in het vinden van een degelijke job, maar daarnaast zijn er ook velen die wanhopig op zoek zijn naar een betrekking,” schrijft Mami Tsukahara in de Daily Yomiuri. “Zij zouden gebaat zijn met een interim job-programma van de overheid, waardoor ze werkervaring zouden kunnen opdoen.”

Tsukahara verwijst daarbij naar Kaori Yamaguchi, een 19-jarige afgestudeerde uit Tokio. “Zij werkt in een tijdelijk project van de pr-afdeling van de stad,” merkt ze op. “Daarbij worden tijdelijke programma’s opgezet voor jongeren onder de 23 jaar.” Yamaguchi had acht vergeefse sollicitaties achter de rug toen ze in het programma stapte.

Yamaguchi droomde van een carrière als actrice, maar na gesprekken met mensen uit het vak, verloor ze haar vertrouwen en gaf ze haar droom op. “Dankzij het interim-programma heb ik echter geleerd wat werken betekent,” vertelde ze aan de Daily Yomiuri. “Het geeft ook de voldoening van productief te zijn en de ervaring geeft een idee van wat men in de toekomst graag zou willen doen.”

Hetzelfde geldt voor Kenjiro Hiwatari, die sinds vijf jaar werkloos is en tevergeefs aan de balie is proberen te komen. “Ik had geen werkervaring om op terug te vallen en dus stelde ik mijn kandidatuur om aan het programma deel te nemen, zodat ik mezelf kon bewijzen dat ik me aan een werkomgeving kon aanpassen, vertelde hij. “Ik voelde me een mislukkeling en had een sterk minderwaardigheidscomplex.”

Hoewel zijn taak heel simpel is – het invoeren van gegevens over sociale voorzieningen in een computer – heeft de ervaring zijn leven naar zijn eigen zeggen drastisch veranderd. “Ik heb enorm veel geleerd over sociale zaken en heb een belangrijke kennis vergaard die ik met andere jobs niet zou hebben opgedaan.” Hiwatari stelde bovendien dat hij zich gelukkig voelt dat hij iets nuttig kan doen voor de samenleving en hij bovendien zijn zelfvertrouwen herwonnen heeft.

17:54 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Ook traditionele industrie heeft boeiende mogelijkheden

DOSSIER: JONGEREN

Jongeren dromen van succesvolle carrières in boeiende beroepen, maar daarbij worden bijna nooit de traditionele industrieën – zoals metaalbewerking of machinebouw – genoemd. Dat komt volgens Amerikaanse specialisten omdat er nog altijd een ouderwets idee hangt rond die beroepen. In de Amerikaanse staat North-Carolina worden dan ook speciale programma’s ontwikkeld om de instroom in die sectoren te stimuleren.

(Foto: Er moet aan jongeren duidelijk gemaakt worden dat ook de traditionele industrie boeiende mogelijkheden biedt. – LAJ)

“Het probleem met dergelijke beroepen is dat het publiek een ouderwets idee heeft over de traditionele industrieën,” stipt Tim Eldridge, opleidings-consulent van het arbeidsdepartement van de Amerikaanse staat North Carolina. “De huidige machinebouw is bijvooreld even proper en gecontroleerd als elk bureau waar men zou binnen stappen.”

In de Hickory Daily Record stipt Eldridge aan dat arbeiders na een opleiding en enkele jaren ervaring ruim 30.000 dollar per jaar kan verdienen. “Spcialisten mogen zelfs een jaarsalaris van 55.000 dollar verwachten,” benadrukte hij. “De meeste jongeren zijn daarvan niet op de hoogte, want ze worden op school meestal niet goed geïnformeerd over de voordelen van het beroep. Dat is één van de problemen die de instroom in deze sectoren belemmert.”

Dat is ook de mening van Mickey Tedder, hoofddocent machine-technologie aan het Catawba Valley Community College. “In onze cursussen vinden we vooral studenten die voordien gewerkt hebben in de vezelkabel-technologie en daar niet meer aan bod komen,” vertelde hij aan Record-journalist John Dayberry. Hij voegt er aan toe dat mechanica-studenten vandaag opleiding krijgen in internet-blauwdrukken en computer-gestuurde machines en kwaliteits-bewaking.

Tedder voegde er aan toe dat de afgestuurden weliswaar nog verdere praktijkervaring nodig hebben, maar dat ze zonder problemen onmiddellijk aan de slag kunnen, amper enkele weken nadat ze zijn afgestudeerd.

In de krant merkt John Starnes, die vorig jaar aan de CVCC afstudeerde, op dat hij tijdens een studiereis geïnteresseerd raakte in machinebouw. “Een week nadat ik afgestudeerd was, werd ik bij een bedrijf aangenomen,” benadrukte hij. “Het is ook een boeiende job, want het is heel dankbaar om dingen te kunnen maken.”

North-Carolina doet speciale inspanningen om voor de nodige opleidingen te zorgen, waarbij samen gewerkt wordt met gespecialiseerde bedrijven uit de regio. “Iedere leerjongen krijgt over een periode van vier jaar 8.000 uur training, met inbegrip van 1.800 theoretische lessen,” aldus Dayberry. “Tijdens die opleiding krijgen ze een loon, dat progressief opgebouwd wordt. Elke zes maand krijgen ze een loonsverhoging, samen met een bonus die gebaseerd is op prestaties.”

Vorige maand rondden zeven leerjongens de opleiding af. “Ze konden onmiddellijk aan de slag bij de bedrijven die het project sponsorden,” merkt Dayberry op. Eldridge toont zich dan ook bijzonder tevreden over het programma. “Het succes is in grote mate te danken aan de deelnemende bedrijven, maar ook andere bedrijven zijn geïnteresseerd in onze studenten,” stipte hij aan. “Dergelijk project levert zowel de studenten als de bedrijven voordelen op.”

16:12 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Internet vervangt studieboeken

DOSSIER: JONGEREN

Het internet is een belangrijke bron van informatie. Dat geldt ook voor het onderwijs. In de Verenigde Staten blijkt alvast een steeds grotere groep jongeren vooral op het internet te steunen om schoolopdrachten uit te voeren. Maar daarbij wordt gewaarschuwd dat niet alle online informatie even correct is en dan dus de nodige terughoudendheid in acht genomen moet worden.

(Foto: Het internet wordt een belangrijke informatiebron voor leerlingen en studenten. – LAJ)

Uit een studie van de Amerikaanse Opinion Research Corporation onder jongeren van 6 tot 17 jaar blijkt dat zeventig procent van oordeel is dat internet-toegang hen hielp bij hun studies. “Negentig procent van de tieners en zeventig procent van de lagere school-bevolking gebruiken het internet om informatie te zoeken voor schoolopdrachten,” stippen de onderzoekers aan.

Daarnaast stelden studenten dat het internet hen in staat stelde om meer kennis op te doen, beter te presteren en plezier te vinden in hun studies. “Daarbij speelt breedband een niet onbelangrijke rol,” stelden de onderzoekers vast. “Vooral jongeren die de beschikking hebben over breedband zeggen dat het internet een belangrijke rol speelt in activiteiten die verband houden met schoolopdrachten. Zij hebben ook de neiging om meer tijd op het internet te spenderen en van thuis uit online te gaan.”

Aangezien breedband een groter deel van de markt inpalmt, zullen studenten volgens het onderzoeksbureau Nielsen/Netratings ook steeds meer thuis van het internet gebruik maken dan op school. Daarbij wordt echter de vraag gesteld of de online informatie van dezelfde kwaliteit is dan de leerstof die ze voordien in boeken vonden en of de algemene kwaliteit van het werk door het internet verbeterd is.

Zestig procent van de tieners blijken daarbij van informatiebronnen eerder de online versies te gebruiken in plaats van de de gedrukte exemplaren. “Bovendien stelt tachtig procent dat ze op het internet betere informatie vinden dan in boeken,” aldus de onderzoekers. “Maar omdat het internet aan nagenoeg iedereen toelaat om zelf te publiceren, is er een brede waaier van websites die onjuiste of zelfs bewust verkeerde of misleidende informatie brengen,” wordt er gewaarschuwd. “Daarover zou verder onderzoek moeten rond gebeuren.”

14:13 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Werkloze jongeren ontvluchten Oost-Duitsland

Ondanks de eenmaking van Duitsland al bijna vijftien jaar een feit is, blijft het vroegere Oost-Duitsland met zware economische problemen kampen. De werkloosheid ligt er bijzonder hoog, vooral onder de jeugd. De jongeren emigreren dan ook bij massa’s en proberen in het westen betere werk- en leefomstandigheden te vinden.

(Foto: Jeugdwerkloosheid is in het voormalige Oost-Duitsland een nijpend probleem. – LAJ)

“We willen de aandacht vestigen op het feit dat vele jongeren de regio van Saksen-Anhalt ontvluchten,” vertelde de 21-jarige Christoph Beckmann aan het persbureau AFP. Samen met een dertigtal leeftijdsgenoten uit de regio, wilde hij met tent en compas meer dan 150 kilometer liften naar de Baltische kust, een tocht die ook hun voorouders in de 19de eeuw gemaakt hadden omdat ze in de regio geen werk vonden.

De zevendaagse tocht wil een herinnering zijn aan die voorouders die zonder werk of hoop voor de toekomst destijds have en goed samenraapten en emigreerden. “Ook Oost-Duitsland heeft sinds de eenmaking in 1990 de elite van zijn jongere generatie zien uitwijken naar het rijkere westen, op zoek naar een betere toekomst,” merkt AFP op. “Men kan toch moeilijk verwachten dat jongeren in het Oosten blijven, wanneer men beseft dat we hier een werkloosheidsgraad van nagenoeg 21 procent hebben?” wierp Beckmann in het midden.

Sinds de val van de Berlijnse Muur heeft Saksen-Anhalt tien procent van zijn bevolking verloren, nadat ook de industrie het er voor bekeken hield. “Het is de grootste emigratiegolf van alle zestien Duitse deelstaten,” aldus AFP. “De arbeidspopulatie is in de regio tussen 1990 en 2000 met 46 procent gedaald. Dat is ongeveer tien procent meer dan het gemiddelde in de andere Oosterse deelstaten. Op het einde van vorige maand lag de werkloosheid op meer dan twintig procent, waaronder 34.000 jongeren.”

De consequenties zijn volgens AFP dramatisch. “Ongeveer 58.000 mensen, meestal tussen 18 en 25 jaar en vooral jonge vrouwen, hebben Saksen-Anhalt het voorbije jaar verlaten,” merkt het persbureau op. “Daardoor wordt de bevolking van de deeelstaat steeds ouder en dat heeft zware problemen tot gevolg voor het al wankele systeem van sociale zekerheid. Volgens een aantal studies zal in het jaar 2020 één derde van de bevolking er ouder zijn dan zestig jaar.”

Verbetering lijkt ook niet echt in zicht te zijn. Ander onderzoek wees uit dat twee derden van de jongeren onder de 25 jaar wil emigreren indien ze zeker zouden zijn dat een verhuis naar het westen hun kansen op een job zou vergroten.

12:28 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Ouders bepalend voor schoolresultaten

DOSSIER: JONGEREN

Nog meer dan vroeger zal het intellect één van de drijvende krachten achter de westerse economie worden. Maar dat intellect moet ook naar boven kunnen drijven. Daar ligt een belangrijke rol voor het onderwijs, maar om goede schoolresultaten te behalen, is de rol van de ouders bijzonder belangrijk. Dat blijkt uit een doctoraatsstudie aan de Universiteit van Leuven.

(Foto: Ouders spelen een belangrijker rol in de schoolresultaten van hun kroost dan ze zelf vermoeden. – LAJ)

“Om goede schoolresultaten te behalen, is het niet alleen belangrijk intelligent te zijn,” merkt Marie-Christine Opdenakker in haar doctoraatsstudie op. “Ook het gezin speelt daarin een belangrijke rol. Vooral de onderwijsgerichtheid van de ouders blijkt een grote invloed te hebben. Die betrokkenheid is zelfs belangrijker dan de financiële achtergrond van het gezin.”

Voortaan moet in elke school een ouder-, personeels- en leerlingenraad samengesteld worden. “Op die manier moet iedereen die met de school heeft te maken, inspraak krijgen,” stelt Opdenakker. “Maar dat is niet voldoende. Als ouders een positieve invloed op de schoolprestaties van hun kind willen hebben, dan is er meer nodig.”

Marie-Christine Opdenakker stelt dat er op dat gebied gewerkt moet worden aan de ingesteldheid van de ouders. Ze geeft toe dat de intellectuele capaciteiten van de kinderen een bepalende rol in de studieresultaten hebben, maar uit haar onderzoek blijkt dat de onderwijsgerichtheid van de ouders een onverwacht grote invloed heeft. “Ouders die bijzonder betrokken zijn bij de schoolactiviteiten van hun kinderen en positief staan tegenover het onderwijs, dragen bij tot betere schoolprestaties.”

De schoolse betrokkenheid van de ouders heeft volgens Opdenakker een grotere invloed op de schoolprestaties dan de financiële situatie van het gezin. “Het is uiteraard bijna onmogelijk om in te grijpen in die ingesteldheid van de ouders,” merkt ze op. “Dat is immers een invididuele zaak, maar toch zijn er manieren om de onderwijsgerichtheid van ouders te verhogen en dus de schoolresultaten van hun kinderen te verbeteren.”

Marie-Christine Opdenakker merkt op dat niet alleen scholen of centra voor leerlingenbegeleiding daarbij acties op het getouw kunnen zetten. “Vooral de relatie tussen de individuele leerkrachten en de ouders is van cruciaal belang,” merkt ze op. “Leerkrachten kunnen informatie geven over wat er in de klas gebeurt. Tevens moeten de leerkrachten zich voor de ouders bereikbaar opstellen.”

Er moet volgens Opdenakker voor gezorgd worden dat de rol van de ouders niet stopt bij het afzetten van hun kroost aan de schoolpoort. Dat is volgens haar nog al te veel het geval. “Er moeten partnerships komen tussen de school en de ouders,” merkt ze op. “De ouders zijn de eerste partners van de leerkracht in het begeleiden van de leerlingen.”

11:11 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Jongeren willen autonome job

DOSSIER: JONGEREN

De zomervakantie zit er bijna op. Leerkrachten en docenten kunnen jongeren weldra weer gaan voorbereiden op het volwassen leven en een beroepsloopbaan. Een onderzoek wees uit de Vlaamse jongeren in hun toekomstige job vooral een sterke autonomie verwachten, maar ook respect voor hun privé-leven.

(Foto: Jongeren verwachten een evenwicht tussen beroep en gezinsleven. – LAJ)

Studenten willen in hun toekomstige job een sterke autonomie, maar bovendien ook een goed evenwicht tussen werk en privé-leven. Uit een onderzoek van de Vlerick Leuven Gent Management School bleek verder dat de studenten ook werkzekerheid een belangrijk gegeven vinden.

De Vlerick School bevroeg daarbij laatstejaars-studenten uit de economische richtingen van de Vlaamse universiteiten en hogescholen. Eenentachtig procent van de ondervraagden antwoordde een voorkeur te hebben voor een loopbaan in een organisatie die werkzekerheid biedt. “Maar dat wil niet zeggen dat jongeren niet bereid zijn om hard te werken,” merken de onderzoekers op.

“Het belang van de job wordt immers hoger aangeslagen (46 procent) dan het belang van het gezin (28 procent), vrije tijd (21 procent) en engagement (5 procent),” wordt er aan toegevoegd. De jongeren stellen daarbij dat ze hun toekomstige werkgever een goede jobperformantie willen bieden, maar tegelijkertijd blijkt men niet geneigd te zijn om flexibel te zijn in het aantal werkuren. “Overuren en weekendwerk mogen geen noodzakelijke voorwaarde vormen om goed te presteren,” aldus Vlerick.

De meest aantrekkelijke sector voor laatstejaarsstudenten in de privé is de professionele dienstverlening, met consulting, financieel advies en reclame. “Daarna volgen telecommunicatie, distributie en logistiek en financiële dienstverlening,” stellen de onderzoekers. “De sectoren overheid en onderwijs worden door ongeveer een derde van de studenten vermeld.”

Hoewel de bevraagde studenten met een competitief diploma op de arbeidsmarkt terechtkomen, blaken ze volgens Vlerick niet van zelfvertrouwen in hun jobkansen. “Minder dan de helft of 45 procent is van mening dat ze snel werk zullen kunnen vinden.”

Ongeveer de helft van de studenten (52 procent) droomt ervan manager te worden op een hoog niveau in een organisatie. “Die categorie is bewuster bezig met loopbaanplanning en ook bereid tot meer flexibiliteit,” menen de Vlerick-onderzoekers. “Maar het is niet zo makkelijk om hen te houden. De meeste zijn niet van plan om langer dan één jaar bij hun eerste werkgever te blijven en beschouwen deze eerste ervaring als een opstapje naar meer en beter elders.”

09:38 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

28-08-04

Worden Vlaamse bossen een privé-aangelegenheid?

De Vlaamse overheid moet niet langer massaal bossen aankopen, noch gronden voor de aanplanting van nieuwe bossen. Dat vindt Vlaams minister van leefmilieu en natuur Kris Peeters. Volgens Peeters kunnen bossen evengoed in privé-handen worden beheerd.

(Foto: Minister Peeters wil minder geld stoppen in de aankoop van bossen. – LAJ)

"Het beleid waarbij de overheid zoveel mogelijk bossen of te bebossen gronden aankoopt, is wat mij betreft voorbij", aldus de minister. De aankoop van bossen en gronden voor bebossing was in de vorige regeerperiode een van de beleidsprioriteiten van de groene ministers van leefmilieu. In 2000 werd 500 hectare bos en grond aangekocht voor 8 miljoen euro, in 2001 700 hectare en 11 miljoen euro, in 2002 om 850 hectare en 14,5 miljoen euro. Vorig jaar ging het om 700 hectare en 13 miljoen euro. Volgens Peeters betaalt de overheid vaak veel te veel voor de bos en -grondaankopen. Hij wil duidelijke criteria om te bepalen of een aankoop gerechtvaardigd is.

Volgens Vera Dua (Groen!) begaat Vlaams leefmilieuminister Kris Peeters (CD&V) begaat een onnoemelijke vergissing wanneer hij zijn plan doorvoert om minder bossen aan te laten kopen door de overheid doorvoert. “Minister Peeters draait de klok terug,” merkte ze op. “Vlaanderen heeft nood aan meer groen, aan meer bossen. Minister Peeters wil blijkbaar niet dat alle Vlamingen in hun nabijheid een bos hebben waarin ze kunnen wandelen of fietsen.”

Dua stelde dat de vorige Vlaamse regering resoluut had gekozen voor een inhaaloperatie op het vlak van aankoop van bos en natuurgebied. “Deze minister legt die overeenkomst simpelweg naast zich neer,” werpt ze op. “Het zou een schande zijn om één van de peilers van het Vlaamse milieubeleid op te geven louter omwille van budgetproblemen. De Vlaamse regering van vrijdag bekijkt hoe ze 150 miljoen euro kan besparen en meteen wordt de aankoop van bos en natuur terug geschroefd. Dat kan niet, dat mag niet,” aldus nog Dua.

Het argument van Peeters dat de landbouwers in de onzekerheid verkeren over het lot van hun gronden vindt, evenmin genade in de ogen van Vera Dua. “Minister Peeters bekijkt de aankoop van bossen puur economisch,” merkt ze op. “Wij hebben nooit bossen gekocht om ze te hebben; wel om ze te redden en om ze te openen voor de mensen,'' voegt Groen!-volksvertegenwoordiger Jef Tavernier.

Hij voegt er aan toe dat zowel Vera Dua als hijzelf als Vlaams minister van leefmilieuhebben steeds een tweesporenbeleid hebben gevolgd. “Enerzijds werden bossen aangekocht en nieuwe bossen aangeplant, die dan grotendeels in beheer werden genomen door private organisaties,” benadrukte hij. “Anderzijds werden private boseigenaars gestimuleerd om hun bossen open te stellen voor het publiek.''

Ook Eric Grietens van de Bond Beter leefmilieu (BBL) noemt het voorstel van Peeters ondoordacht. “Er bestaan nu al mogelijkheden voor de privé om bossen aan te kopen of gronden te bebossen, maar daar wordt nauwelijks gebruik van gemaakt,” stipte hij aan. “Bovendien is het helemaal niet zeker dat privé-bossen ook worden opengesteld voor het publiek.”

20:49 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Online reclame werkt op lange termijn

Adverteerders focussen zich bij online reclame heel dikwijls op de doorklik-statistieken, maar de effecten op langere termijn zouden wel eens veel belangrijker kunnen zijn. Dat blijkt uit het Ad Serving Trend rapport van DoubleClick, een aanbieder van online marketing beheeroplossingen.

(Foto: Banners blijven de populairste online reclamevorm. – LAJ)

“Sommige surfers klikken meteen op online advertenties,” merkt het online magazine DigiMedia op. “Bij anderen heeft de advertentie een uitgesteld effect. Dat maakt de totale efficiëntie van een campagne groter dan men met directe doorklikratio’s – click-trough ratio (CTR) - kan meten.”

Die ratio’s zijn in het tweede kwartaal lichtjes gedaald tot 0,43 procent, tegenover 0,48 procent in de eerste drie maand van het jaar. “De view-through rates (VTR), die het uitgestelde effect van campagnes meten, blijken echter in de lift te zitten,” stelt DigiMedia. “In het tweede kwartaal bedroegen die immers 0,73 procent, tegenover 0,59 procent in het kwartaal daarvoor.”

Onderzoeker DoubleClick geeft toe dat die VTR niet helemaal accuraat gemeten kan worden, besluit het bedrijf dat het aantal surfers dat binnen een maand op een campagne regaeert, groter is dan de surfers dat onmiddellijk klikt.” Daaruit besluit DoubleClick nogmaals dat online reclame een duidelijk branding effect heeft.

Inzake targeting blijken zoektermen volgens het onderzoek de geliefkoosde techniek te zijn. Zij omvatten meer dan 53 procent van de advertenties. “Geo-targeting - op basis van het IP-adres - was goed voor 1,8 procent,” aldus DigiMedia.

Het magazine stelt dat het Ad Serving Trend Report nogmaals de klassieke vaststelling bevestigt dat rich media advertenties een betere click-through genereren. “Die resultaten liggen tot vijf keer hoger dan bij andere formaten,” wordt er opgemerkt. “Rich media halen een CRT van 1,17 procent, tegenover 0,23 procent voor de andere online reclame.”

Tenslotte wordt opgemerkt dat de traditionele banner - 468 x 60 pixels - met 30 procent het populairste formaat van alle advertenties blijft. “De leaderboards - 728 x 90 pixels – vertegenwoordigen dan weer 7,9 procent van alle advertenties, een spectaculaire stijging met 384 % op jaarbasis,” wordt eraan toegevoegd.

19:06 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Bedrijven willen Amerikaans imago opkrikken

De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Colin Powell zal morgen de afsluitende ceremonie van de Olympische Spelen niet bijwonen. Officieel heeft hij teveel werk met de toestand in Irak en Soedan, maar wellicht hebben ook de zware betogingen in Athene tegen zijn aanwezigheid daar iets mee te maken. Het is nog maar eens een bewijs dat Amerika in de wereld echt niet geliefd is. Een vereniging van Amerikaanse bedrijven wil daar echter iets aan verhelpen en wil vooral het imago van Amerika in het buitenland opkrikken.

(Foto: Het Amerikaans bedrijfsleven draagt de gevolgen van de anti-Amerikaanse gevoelens in de rest van de wereld. – LAJ)

“In juni vorig jaar staken betogers in Thessaloniki een McDonald’s restaurant in brand tijdens een protestactie tegen het kapitalisme,” merkt MSNBC op. “Deze zomer zijn tijdens de Olympische Spelen in Athene een aantal grote Amerikaanse bedrijven – waaronder McDonald’s – prominent in het Griekse leven aanwezig.”

Op het wereldtoneel na 11 september vinden Amerikaanse multinationals volgens MSNBC-journalist Michael E. Ross dat zij evenzeer de Amerikaanse natie vertegenwoordigen dan hun eigen producten. “In Athene staan Amerikaanse bedrijven op het wereldtoneel,” merkt hij op. “Maar sommigen zijn het voorwerp geworden van anti-Amerikaanse gevoelens en staan voor de uitdaging om hun Amerikaanse identiteit te bewaren en zich tegelijkertijd aan te passen aan de gewoonten en tradities van landen waar ze actief zijn.”

Ross stelt dat een deel van de wereld een haat-liefde relatie onderhoudt met Amerikaanse bedrijven. “McDonald’s levert wereldwijd in 30.000 restaurants in 100 verschillende landen dagelijks maaltijden aan 45 miljoen mensen,” verduidelijkt hij. “Het concern maakte onlangs bekend dat zijn restaurants voor de vijftiende opeenvolgende keer een groeiende verkoop hebben gerealiseerd. De jaarlijkse groei ligt op dit ogenblik op meer dan acht procent.” Hij wijst er echter op dat tijdens de jongste achttien maanden aanslagen of daden van vandalisme gepleegd werden tegen McDonald’s vestigingen in Saoedi-Arabië, Libanon, Duitsland, Indonesië, Noorwegen, Turkije en Italië.”

Ook buitenlandse vestigingen van andere Amerikaanse bedrijven – zoals Citibank, Marriott, Newmont Mining, UPS, IBM en ChevronTexaco — werden in de voorbije maanden het doelwit van aanslagen. “Bovendien werden tenminste 42 werknemers van KBR, de constructie-afdeling van het olieconcern Halliburton, in Irak en Koeweit vermoord,” voegt hij er aan toe. Bedrijven proberen volgens Ross dan ook strategieën te ontwikkelen om op die problemen een antwoord te vinden.

Volgens Keith Reinhard, chief executive officer van het reclamebedrijf DDB, stelt dat het vestigen van het imago van bedrijven maatwerk is. “Het varieert van merk tot merk en van land tot land,” benadrukt hij. Zo stelt hij dat bepaalde islamitische landen Amerikaanse auto’s nog altijd de voorkeur krijgen op Duitse merken. “In bepaalde landen heeft men liever Pepsi dan Coca-Cola, om de eenvoudige reden dat Pepsi de tegenpool is van Coca-Cola, dat nagenoeg vereenzelvigd wordt met de Amerikaanse vlag,” voegt hij er aan toe. “In Bahrein hebben winkeliers een zwarte lijst met Amerikaanse merken die ze nooit in hun rekken zullen plaatsen.” Ook elders is de reactie vergelijkbaar. “Eerder op het jaar verbanden tien restaurants in Hamburg Coca-Cola en Marlboro en maakten bekend dat klanten niet langer konden betalen met kredietkaarten van American Express.”

Ross merkt op dat de Amerikaanse buitenlandse politiek de situatie uiteraard verergerd heeft. “De globale expantie van de Amerikaanse bedrijven – die nochtans veel voordelen opleveren voor veel mensen – hebben echter ook bijgedragen tot het probleem,” stipt hij aan. “Het begon echter niet met de oorlog. Irak was de gelegenheid om heel wat latente negatieve gevoelens naar buiten te laten komen, want anti-Amerikaanse gevoelens hebben zich de voorbije twee decennia steeds meer opgebouwd.”

Uit een onderzoek van het consulentenbureau Harris Interactive, uitgevoerd in juni, bleek volgens Ross dat in Engeland, Frankrijk, Duitsland, Italië en Spanje slechts zeven procent van de bevolking positief stond tegenover de Amerikaanse regering. “Dat zegt vooral veel over de instelling van landen die een historische vriendschapsband hebben met de Verenigde Staten,” merkt hij op. “In juli meldee The Washington Post bovendien dat de mening van de Arabische landen over de Verenigde Staten bijzonder negatief is geëvolueerd. In Egypte – een cruciale regionale bondgenoot – staat nagenoeg honderde procent van de bevolking negatief ten opzichte van de Verenigde Staten.”

Reinhard hoopt op die problemen een antwoord te vinden met behulp van de Business for Diplomatic Action (BDA), een vereniging die hij dit jaar oprichtte en die volgens hem moet beschouwd worden als een task-force van de private sector, die de Amerikaanse bedrijven en Amerikaanse burgers moet bewust maken van het groeiend anti-Amerikanisme in de wereld en de gevolgen daarvan.

Volgens de BDA zijn er drie belangrijke redenen voor die anti-Amerikaanse gevoelens. “In de eerste plaats zijn er effecten van de globalisatie,” merkt hij op. “De burgers van vele landen voelen zich uitgesloten. Zij hebben het gevoel dat ze nooit deel zullen kunnen nemen aan de globalisatie-cultuur die door de expantie-beweging van de Amerikaanse industrie wordt geleid, of er de voordelen van zullen kunnen genieten.”

Daarnaast is er volgens de BDA echter ook de impact van de Amerikaanse populaire cultuur. “Een gedeelte van de Amerikaanse entertainment-industrie is dikwijls bijzonder aantrekkelijk voor jongeren in repressieve culturen en zij geloven dat Amerika een crimineel gewelddadige en seksueel immorele samenleving heeft,” stelt Reinhardt.

Tenslotte is er ook de indruk die men heeft over de persoonlijkheid van Amerikanen. “Onderzoek in 130 landen maakt duidelijk dat Amerikanen door de meeste mensen worden beschouwd als arrogant, onontwikkeld, luidruchtig en met een gebrek aan bescheidenheid en luisterbereidheid,” aldus de BDA.

Het BDA-rapport zou volgens Reinhardt een leidraad over wereldburgerschap moeten zijn voor jonge Amerikanen die in het buitenland gaan studeren. “Tegen de herfst zal het rapport verspreid worden op 200.000 exemplaren,” benadrukte hij. “Daarvan zullen 80.000 exemplaren in Amerikaanse universiteiten uitgedeeld worden aan studenten die naar het buitenland gaan. Dat moet hen duidelijk maken dat ze niet meer in Kansas wonen en waarom Amerikanen niet alom geliefd zijn.”

Bill Stafford, directeur van de Trade Development Alliance uit Seatlle, hecht echter vooral belang aan een grotere inbreng van de locale bevolking. “Steeds meer bedrijven werken met plaatselijke tussenpersonen,” merkte hij op. “Op die manier krijgt het product een locale identeit. Ook bij buitenlandse missies gebruiken wij een mengeling van deelnemers uit verschillende landen. Steeds meer wordt er op die manier zaken gedaan. Dat is geen strategie; het is een manier van zakendoen.”

Volgens Stafford hebben Europeanen een gespleten mening over het Amerikaanse volk en de Amerikaanse regering. “Sommige Europeanen vragen zich af of de huidige regering echt door het Amerikaanse volk is gekozen,” merkt hij op. Maar hij voegt er aan toe dat er soms ook opmerkelijke situaties ontstaan. “Duitsers gaan naar Amerikaanse pizza-restaurants, bekijken Amerikaanse films en drinken Coca-Cola, maar klagen over Amerika.”

Daarmee zit hij op dezelfde lijn als Howard Schultz, de grote baas van Starbucks. “Toen we in Turkije een coffeeshop openden, zei iedereen ons dat we Turkse koffie moesten serveren, in Griekenland zouden we Griekse koffie op de kaart moeten zetten,” merkte hij op. “Maar wanneer de klanten komen, vragen ze in de eerste plaats naar een Frappuccino.” Maar dat belet volgens Ross niet dat er de voorbije jaren heel wat protest is geweest tegen Starbucks. “Er zijn een aantal boycots geweest en er waren klachten over oneerlijke handelspraktijken, waarbij aangestuurd werd op hogere koffieprijzen voor de boeren in de landen waar de koffie van Starbuck wordt geteeld.”

Eén van de projecten van de BDA is de reality-show ‘The Exchange’, waarbij drie jongeren uit een moslim-land tewerk gesteld zullen worden in een Amerikaanse vestiging van een multinational, terwijl drie Amerikaanse generatiegenoten in een buitenlandse afdeling zullen geplaatst worden. “Zij worden er door camera’s gevolgd en uiteindelijk worden ze allemaal samengebracht om hun ervaringen uit te wisselen,” aldus Reinhardt.

Daarnaast wil de BDA projecten opzetten rond internationale samenwerking en voorlichtingsprogramma’s voor adverteerders en Amerikaanse managers, het online uitwisselen van best practices en ronde tafelconferenties. “Maar er is nog een andere manier om de relatie van Amerika met de rest van de wereld te verbeteren,” benadrukte hij. “Dat steunt vooral op het gedrag van de Amerikaanse toerist, die moet aangemoedigd worden om met een open geest op reis te gaan en de Vreselijke Amerikaan thuis te laten.”

Reinhard merkt op dat de openheid en gezelligheid van de Amerikanen meestal als een positieve eigenschap worden beschouwd, maar dat zij tevens beschouwd wordt als arrogant, onontwikkeld en luidruchtig. “Misschien is de ultieme arrogantie van de Amerikaan wel de veronderstelling dat iedereen wil zijn zoals hij,” stipt hij aan. “Maar echt niet iedereen wil als een Amerikaan zijn.”

Hij benadrukt dat ongeveer 55 miljoen Amerikanen elk jaar op reis gaan naar het buitenland. “Indien we ervoor kunnen zorgen dat we daarbij wat minder luidruchtig tewerk gaan en dat we dat het respect voor al is het maar een klein gedeelte van die toeristen kunnen opkrikken, hebben we tenminste al iets positief bijgebracht.”

17:41 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Ook bedrijven hebben Olympische verhalen

De Olympische Spelen zijn aan hun laatste weekend bezig. Ze hebben opnieuw verhalen van glorie en ellende opgeleverd en hebben miljoenen mensen aan de televisie en het internet gekluisterd. Ook bedrijfsleiders hadden volgens de Amerikaanse pr-specialist Don Crowther - met meer dan sportieve interesse – de gebeurtenissen in Athene moeten volgen. Men vindt er volgens immers talloze ideeën hoe het bedrijf zich in de actualiteit kan plaatsen.

(Foto: Uitzonderlijke prestaties – zoals deze originele deelnemer aan Parijs-Roubaix –staan ook in het bedrijfsleven garant voor opmerkelijke nieuwsverhalen. – LAJ)

In de eerste plaats ziet Crowther het belang van het verleden. “Het hele leven van de atleten komt aan bod,” merkt hij op. “We zien hoe ze begonnen zijn, welke mislukkingen en problemen ze hebben moeten overwinnen om zover te raken en hoe ze als underdog tegen zware concurrentie hebben moeten vechten.” Dit is ook voor elk bedrijf volgens hem een opportuniteit. “Elk bedrijf en elk product heeft een geschiedenis,” benadrukt hij. “De start van de ondernemer kan een leuk randverhaal over het bedrijf zijn, zoals Hewlett Packard ooit begon in een garage in Palo Alto of zoals Dell begon als student die vanuit zijn kamer computers begon te verkopen. Elk bedrijf heeft een geschiedenis en een verhaal.”

Het overwinnen van ellende en tegenslag is volgens Crowther al evenzeer een element waarop kan ingespeeld worden. “Net zoals atleten ondanks zware kwetsuren, die een einde bleken te maken aan hun carrière of medaillekansen, toch terugkomen of de overwinning behalen, worden ook bedrijven met blijkbaar onoverwinnelijke hindernissen geconfronteerd. “Op de eerste werkdag vervoerde FedEx amper enkele pakketjes en de eerste lonen werden betaald met gokwinst in Las Vegas,” benadrukt hij. “Ook bedrijven kunnen in hun begindagen dikwijls aan de rand van het bankroet gestaan hebben of hebben patenten aan zien zich voorbij gaan. Dit kunnen mooie verhalen zijn, want het publiek houdt van underdogs. Dit verhaal kan trouwens ook gebruikt worden wanneer het succes er nog niet is. Verhalen van David en Goliath zijn schering in inslag.”

Crowther stelt dat ook primeurs een dankbaar gespreksonderwerp kunnen zijn en tot de verbeelding spreken. “De eerste gouden medaille voor Israël was in Athene een druk besproken gebeurtenis,” merkt hij op. “Ook het doorbreken van oude tradities, zoals wereldrecords die al jarenlang op de tabellen staan, doet verhalen de ronde gaan. Wanneer een bedrijf een primeur realiseert, moet het daar optimaal gebruik van maken. Dat hoeft trouwens geen wereldwijde primeur te zijn, een regionale of locale primeur is ook al voldoende. Elke Starbucks-winkel die als eerste ergens in een stad geopend wordt, is een primeur.”

Tevens moet volgens Crowther nadruk gelegd worden op de team-kwaliteiten. “De verhalen over het vormen van een succesvol team doen het altijd, binnen en buiten de sport,” benadrukt hij. “Dat groepsidee kan gestalte gegeven worden door het team dat een product ontwikkelde, maar ook door een groep consumenten die voor de nodige feedback gezorgd hebben of door industriële partners die aan de realisatie van een project hebben meegewerkt.”

Maar Crowther stipt aan dat niet alleen de Olympische Spelen de gemoederen hoog kunnen doen oplaaien en het publiek kunnen meeslepen. “Ook wedstrijden waaraan bekenden deelnemen, zorgen voor een grote betrokkenheid,” stelt hij. “Bedrijven mogen dan ook die lokale banden niet vergeten. Ze kunnen inspelen op nationaal en internationaal door aan te tonen hoe zij in dat beeld passen. Ze kunnen tonen hoe hun producten en diensten kunnen bijdragen om het probleem op te lossen, hoe werknemers erbij betrokken raken. Dit kan heel succesvol werken, want het speelt in op nieuws dat er al is in plaats van interesse te moeten wekken in het eigen bedrijfsverhaal.”

15:33 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Vrouwen minder impulsief met geld?

Vrouwen zijn voorzichter, reageren minder impulsief en bouwen langzaam vertrouwen op. Zo gedragen ze zich volgens een aantal vrouwelijke ingewijden althans in de beleggingswereld. In een interview met Het Nieuwsblad stellen ze alvast dat de vrouwelijke voorzichtige instelling op termijn ook loont.

(Foto: Vrouwen betere beleggers dan mannen? – LAJ)

Diverse studies wijzen uit dat vrouwen betere beleggers zijn dan mannen. Maar zover wil Katia Hellemans, fondsbeheerder bij KBC, niet gaan, al zegt ze dat vrouwen het wel anders aanpakken. “Vrouwen zijn iets voorzichtiger, minder impulsief,” vertelt ze in de krant aan Annemie Eeckhout. “Als iedereen zware correcties begint te doen op een aandeel, zal ik niet meteen meedoen met de massa.”

Ze stelt dat ze ook langzaam vertrouwen opbouwt in bedrijven die het waard zijn om in te investeren. “Dat gebeurt na een grondige analyse,” voegt ze er aan toe. Hellemans meent dat vrouwen eerder voor zekerheid kiezen dan voor risico. Ze geeft toe dat een grote gok op korte termijn misschien grote winsten kan opleveren, maar niet op de lange termijn.

KBC-adviseur Annabel Van Allemeersch ziet niet zozeer een verschil tussen mannelijke en vrouwelijke beleggers, maar wel op het gebied van leeftijd. Een vijftiger of zestiger zal volgens haar voorzichtiger beleggen dan twintigers of dertigers. “Mensen die op pensioenleeftijd komen, willen snel aan hun belegd geld kunnen in geval ze een extraatje nodig hebben,” merkt ze op. “Jongeren leggen geld op de lange termijn opzij. We hebben het dan wel over een kapitaaltje dat de mensen op overschot hebben.”

Van Allemeersch geeft wel toe dat ze voor haar persoonlijke beleggingen wel defensiever tewerk gaat dan de mannen. Zo zegt ze dat ze maar een klein deel van haar budget speculatief belegt. “Een man gaat al vlugger een deel opzij houden voor speculatieve spelletjes,” stelt ze. “Dat zie je een vrouw minder vaak doen.”

Janine Staelens, ondervoorzitter van de Vlaamse Federatie voor Beleggingsclubs en voorzitter van Rubens, een beleggersclub voor dames, meent dat het er bij een vrouwelijke beleggersclub veel ernstiger aan toe gaat. “Wij ontmoeten elkaar niet, zoals de mannen, op café om pintjes te kunnen pakken, maar in een bank of bij iemand thuis,” merkt ze op.

Ook zij meent dat vrouwen minder risico's nemen en op lange termijn beleggen. “Ze kiezen ook eerder voor lokale bedrijven die ze kennen,” getuigt ze. “Vrouwen hebben altijd het huishoudbudget beheerd en dat maakt hen zuiniger en prijsbewuster.”

Arlette Jonckheere, directeur personal banking van Fortis in Leuven, stelt dat een man eerder geneigd is alles heel technisch te analyseren om vervolgens vrij impulsief tot het besluit te komen welke aandelen behouden moesten blijven en welke afgestoten moesten worden. Vrouwen daarentegen houden eerder rekening met het beurssentiment en voor een hun intuïtie volgen. “Doordat de beurs steeds toegankelijker wordt, is technische kennis ondergeschikt geworden aan beursgevoel,” meent ze.

Ze merkt op dat mannen zich ook meer aangetrokken voelen tot de technologische sector, een markt die het al enige tijd niet goed doet. Onder haar particuliere klanten ziet ze duidelijk dat mannen beduidend meer risico nemen. “Mannen zijn nu eenmaal roekelozer dan vrouwen, dus ook in beleggen,” werpt ze op. “Speculeren op de beurs werd de jongste jaren echter fel afgestraft. Voorzichtigheid loont op lange termijn altijd.”

13:01 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Meer geld uit content

Uit een Amerikaans rapport blijkt dat reclame niet langer de belangrijkste bron van inkomsten is voor de media in de Verenigde Staten. Investeringsbank Veronis Suhler Stevenson stelt dat dit geen voorbijgaande trend zal zijn. Hoewel de reclamemarkt weer veel beter draait, blijven de inkomsten uit content immers groeien.

(Foto: Het aandeel van de reclame in Amerikaanse media-inkomsten vermindert. – LAJ)

“Deze essentiële verandering van het economische model van de media is trouwens niet nieuw,” aldus Veronis. “Het relatief verminderde aandeel van de reclame in de media tekende zich al duidelijk af in 2003.” Dat jaar spendeerden de Amerikaanse consumenten 178,4 miljard USD aan het kopen van of toegang verkrijgen tot content. “Dat is bijna 3 miljard dollar meer dan de adverteerders uitgaven aan mediareclame,” stipt Veronis aan.

De onderzoekers stellen dat dit een vrij logische evolutie is. “De media werden de voorbije jaren immers geconfronteerd met sterk dalende reclame-inkomsten,” wordt er opgemerkt. “Er moest dan ook gezocht worden naar een diversificatie van het business model. De media zijn op dit ogenblik trouwens nog steeds bezig met het verder uitwerken van nieuwe modellen die toelaten inkomsten te verwerven uit lezers.”

Opgemerkt wordt dat ook het internet niet aan deze ontwikkeling ontsnapt. “Lange tijd werd het medium beschouwd als een gratis gebeuren, maar om het hoofd boven water te houden zijn veel online uitgevers verplicht budgetten te zoeken bij hun bezoekers,” merkt Veronis op. “Zeker kleinere en gespecialiseerde uitgevers diversifiëren hierbij sterk hun model, want zij vallen bij media-centrales en –regies dikwijls uit de boot.”

Veronis merkt op dat het helemaal niet gaat om een tijdelijk fenomeen dat te wijten is aan de terugval van de reclamebudgetten van de recente jaren. “Het blijkt immers dat de inkomsten van content blijven groeien, zelfs al zit de reclamesector opnieuw in de lift.”

Volgens Veronis is de opmerkelijke groei van de media-uitgaven bij de consument vooral te wijten aan kabeltelevisie en home video. “Maar ook de online media kunnen prat gaan op een sterke stijging van de bestedingen aan online content,” stipt de investeringsbank aan.

Opgemerkt wordt dat online uitgevers met een al dan niet gedeeltelijk betalend toegangsmodel overigens niet hoeven te vrezen voor de betrokkenheid van hun bezoekers. Media die hun inkomsten vooral bij de consument halen, blijken een trouwer en aandachtiger publiek te hebben. Er mag trouwens verwacht worden dat de consument in toenemende mate bereid zal zijn om te betalen voor kwalitatieve online content.”

11:25 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Economie in de media

De nieuwe Vlaamse regering heeft op zijn eerste ministerraad na de zomervakantie beslist het systeem van de opleidingscheques uit te breiden voor werknemers die geen hogere studies hebben gevolgd. De maatregel moet hen extra stimuleren om opleidingen en cursussen te volgen. Momenteel kan iedere werknemer per jaar opleidingscheques kopen ter waarde van 250 euro. De cheques - waarvan de Vlaamse overheid de helft betaalt - kunnen gebruikt worden voor opleiding en cursussen bij erkende opleidingsverstrekkers. De Vlaamse regering besliste op voorstel van minister van Werk en Onderwijs Frank Vandenbroucke dat mensen die geen diploma hoger secundair onderwijs hebben en een diploma van een hogere graad willen de cheques vanaf september gratis kunnen krijgen. Dat betekent dat ze vanaf volgende maand geen eigen bijdrage meer moeten betalen op hun 250 euro aan opleidingscheques. Voor werknemers met alleen een diploma hoger secundair onderwijs die een hoger diploma willen, verdubbelt het aantal cheques waar ze jaarlijks recht op hebben van 250 euro tot een waarde van 500 euro. Ook dat gaat volgende maand in. Door de uitbreiding van het systeem verhoogt het budget voor de opleidingscheques van 10 naar 12 miljoen euro. (Het Laatste Nieuws)

Australische wetenschappers zijn erin geslaagd elektriciteit op te wekken met rottende bananen. Bij de ontbinding van het fruit komt methaan vrij dat gebruikt kan worden om een elektrische turbine aan te drijven. Dat maakte ingenieur Bill Clarke van de University of Queensland vrijdag bekend. De wetenschappers onderzoeken of ze een krachtcentrale kunnen ontwerpen die volledig aangedreven wordt met behulp van rottende bananen. Die moet dan wel rendabel zijn. Om een normale ventilatorkachel dertig uur van stroom te voorzien, had Clarke zestig kilo bananen nodig. Australische bananentelers brachten Clarke op het idee. Ongeveer eenderde van de bananenoogst van de noordoostelijke Australische staat Queensland, meer dan 20 miljoen kilo, kan niet worden verkocht omdat de bananen beschadigd of te klein zijn. (De Gentenaar)

Telecomoperator Belgacom lanceert vanaf 2 september een nieuw tariefformule. Wie kiest voor 'Maxi Call' betaalt 0,20 euro per gesprek naar een nationale vaste lijn, ongeacht of het gesprek nu één minuut of tien uren duurt. Dat maakte Belgacom vandaag bekend. Geen rekeningen meer per seconde of per minuut, ook geen aparte connectiekost. In de plaats daarvan komt er een vast tarief van 20 eurocent per gesprek naar een andere vaste lijn, zowel in de piek- als in de daluren. Het is voordelig voor wie drie minuten of langer telefoneert. Belgacom-woordvoerder Jan Margot zegt dat het bedrijf daarmee tegemoet komt aan de klanten die behoefte hebben aan een duidelijk en eenvoudig tarief. Volgens hem willen klanten graag vooraf weten hoeveel een gesprek zal kosten en onbezorgd kunnen telefoneren zonder de klok in het oog te houden. Het tarief geldt echter niet voor alle nummers. Voor telefoontjes naar mobiele telefoons, Telenet-nummers, inbelnummers voor internet of andere speciale nummers moet het gewone tarief betaald worden. Wie minder dan drie minuten belt, betaalt natuurlijk ook 20 cent en er is nog het abonnementsgeld van 17,15 euro per maand. Het nieuwe tarief is een primeur voor ons land. Het bestaat wel al in enkele buurlanden zoals Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, maar in ons land is Belgacom de eerste. De operator had wel al twee andere zogenaamde comfort-tarieven, waarbij je tegen een vaste maandprijs onbeperkt kan bellen. (De Standaard)

De buitengewone aandeelhouders- vergadering bij de Leuvense bierbrouwer Interbrew heeft vanmorgen de naamswijziging in Inbev goedgekeurd. Dat is het gevolg van de fusie met de Braziliaanse brouwer Ambev. Eerder had de vergadering zich akkoord verklaard met de uitgifte van 141,7 miljoen nieuwe aandelen. De nieuwe aandelen zijn bestemd voor BRC, de Luxemburgse controleholding van de Brazilianen Lemann, Sicupira en Telles. Dat zijn de drie meerderheidsaandeelhouders van AmBev. BRC draagt 8,25 miljard aandelen-AmBev over aan Tinsel Investments, een Luxemburgs vehikel van Interbrew. De vergadering keurde ook de wijzigingen aan de raad van bestuur goed. Die bestaat voortaan uit vier vertegenwoordigers van de families achter Interbrew, vier Brazilianen en zes onafhankelijke bestuurders. Met de succesvolle buitengewone aandeelhoudersvergadering van Interbrew is de fusie met AmBev een grote stap dichterbij gekomen. De transactie kan echter pas worden voltrokken als ook de aandeelhouders van AmBev vandaag op een buitengewone aandeelhoudersvergadering in Sao Paulo de voorgelegde agendapunten goedkeuren. (VRT)

In Vlaanderen gebeuren amper een paar procent van alle ongevallen met kinderen tussen 0 en 3 jaar in crèches, en dan gaat het nog veelal om schrammetjes na een val. Daarmee doen de Vlaamse crèches een stuk beter dan de Nederlandse. Daar slaken organisaties een noodkreet omdat het aantal ongevallen met peuters en kleuters in kinderopvangcentra schrikbarende proporties aanneemt. Breuken, hersenschuddingen, komen er alarmerend vaak voor. Volgens Kind en Gezin heeft dat heel veel te maken met de manier waarop kinderopvang in Nederland is georganiseerd. Er is ginder niet echt een centrale organisatie zoals Kind en Gezin. Iedereen kan er zomaar een crèche beginnen. In Vlaanderen kan dat ook, maar pas na een grondige veiligheidscontrole. Kind en Gezin werkt intussen aan een boek dat kinderopvangcentra moet helpen om juist te reageren bij crisissituaties. “Het wordt een handig boekje met nuttige tips en checklijsten om het de kinderopvangcentra makkelijker te maken om gepast te reageren in een crisissituatie,” zegt Kris Danckaert van Kind en Gezin. In Vlaanderen gaat 61 procent van de kinderen tussen 0 en 4 jaar naar een crèche. In Nederland is dat amper 17 procent. (Het Volk)

De groei van de VS-economie bedroeg in het tweede trimester slechts 2,8 procent op jaarbasis in plaats van 3 procent zoals eerst op basis van voorlopige gegevens was aangekondigd door het ministerie van Handel in Washington. De groei is fors gedaald in vergelijking met het eerste trimester toen het bruto binnenlands product (BBP) nog een stijging noteerde van 4,5 procent op jaarbasis. De terugval van de groei lag beantwoordt aan de verwachtingen van de analisten die een groei van het BBP van 2,7 procent hadden voorspeld voor het tweede trimester. De afname van de groei is het gevolg van de daling van de export en de stijging van de import, alsook van de hoge olieprijzen, aldus het ministerie van Handel. (De Morgen)

Het Duitse elektroconcern Siemens heeft vandaag een verkoopsstop afgekondigd op zijn nieuwste reeks mobiele telefoons, de 65-reeks omdat het oorschade zou kunnen opleveren. Reden is een deuntje op de telefoon, dat automatisch op het hoogste volume wordt afgespeeld en tot beschading van het gehoor zou kunnen leiden. Verschillende winkels in Duitsland namen de telefoons al uit de rekken. "Wanneer de batterij bijna leeg is en je in gesprek bent, sluit de gsm het gesprek automatisch af na een waarschuwingssignaal" luidt het bij Siemens. "Daarna hoor je een melodie die het verbreken van de verbinding aankondigt. Die melodie, die afgespeeld wordt op het maximale volume, zou in bepaalde omstandigheden het oor kunnen schaden. Maar er is nog geen concreet geval bekend", benadrukt Siemens. In Duitsland hebben grote ketens als Media Markt en de vier grote telecomoperatoren - Vodafone, T-Mobile, E-Plus en 02 - het product al uit de rekken genomen. Siemens raadt zelfstandige verkopers aan hetzelfde te doen. Het probleem oplossen is niet erg moeilijk, luidt het bij Siemens, maar de vraag is of het imago van het bedrijf op langere termijn schade zal ondervinden. Vanaf september zou de 65-reeks opnieuw verkocht moeten worden. (De Tijd)

De groep De Post heeft de eerste helft van 2004 een omzetstijging van 5,6 procent gehaald vergeleken met dezelfde periode vorig jaar. De operationele winst is gestegen met 64,166 miljoen euro tot 78,268 miljoen euro, terwijl een nettowinst van 88,849 miljoen euro werd geboekt. De nettowinst bedroeg vorig jaar na zes maanden 29,732 miljoen euro. Topman Johnny Thijs noemt de resultaten ‘bemoedigend’. De omzet steeg met 5,6 procent tot 1,072 miljard euro, terwijl de kosten daalden met 0,7 procent tot 993,906 miljoen euro. Gevolg is een bedrijfsresultaat van 78,268 miljoen euro, een toename met 64,166 miljoen euro. Ook de resultaten van de dochterondernemingen gingen er de eerste zes maanden op vooruit. Het doel blijft al deze activiteiten winstgevend te maken tegen 2005, aldus een mededeling vrijdag. bijeenkwam, benadrukte CEO Johnny Thijs dat de halfjaarresultaten bemoedigend zijn. "Deze resultaten bevestigen dat De Post, als de uitvoering van de grote projecten voortgaat zoals voorzien, na twee verliesjaren 2004 zal kunnen afsluiten met een resultaat in evenwicht.” aldus Thijs, die de inzet van alle medewerkers bij de grote veranderingen prees. Toch mag De Post volgens Thijs niet op haar lauweren gaan rusten. De tweede helft van het jaar is traditioneel moeilijker omdat de volumes tijdens de vakantiemaanden sterk teruglopen. Bovendien zal de vervanging door elektronische briefwisseling voortgaan. Tot slot is de vrijmaking van de postmarkt nog maar pas begonnen. (Gazet van Antwerpen)

Het gemiddelde salaris van de belangrijkste Britse bedrijfleiders bedroeg in 2003 1,7 miljoen pond (2,5 miljoen euro). Dat is een klim ten aanzien van 2002 met 12,8 procent. Een en ander blijkt uit de resultaten van de jaarlijkse rondvraag van de krant The Guardian. De klim betekent wel een vertraging in de groei van de lonen. In 2002 was er bijvoorbeeld een stijging met 23 procent en in 2001 met 17 procent. Toch blijft de groei van de salarissen van de bedrijfsleiders en kaderleden drie keer hoger dan die van de gemiddelde Brit, die zijn loon in 2003 maar zag stijgen met 4,7 procent. "Het gemiddelde jaarloon van een Brit bedroeg 24.600 pond of een zeventigste van het salaris van de bedrijfsleiders", zo berekende de krant. The Guardian ondervroeg 187 bedrijfsleiders en kaderleden met een loon van een miljoen pond of meer. De bezoldiging van de directeur-generaal van de satellietzender BSkyB, Tony Ball, bleek met 11,4 miljoen pond per jaar het hoogst. Op de tweede plaats strandde Ken Hydon, financieel directeur van telecomgroep Vodafone met 9,9 miljoen pond. Michael Green, de voormalige directeur van de mediagroep Carlton, verdiende 9,4 miljoen pond. (Het Nieuwsblad)

De laatste twee weken van juli en de eerste twee eerste weken van augustus waren positief voor de toeristische sector aan de kust. Het toerisme aan de kust is in juli bijvoorbeeld niet gedaald in vergelijking met juli 2003, terwijl in augustus zowel het dagtoerisme als het verblijfstoerisme ondanks het wisselvallige weer positieve tendensen hebben opgetekend. Dat bleek uit de resultaten van het autonoom West-Vlaams provinciebedrijf voor toerisme, Westtoer. Het verblijfstoerisme ging er in juli met 2,6 procent op vooruit. Vooral de stijgende verhuur van vakantiewoningen met 4,9 procent lag aan de basis van het goede resultaat. De totaalomzet van het kusttoerisme lag volgens Westtoer slechts 0,7 procent lager dan vorig jaar. De restaurants kenden in juli volgens Westtoer een omzetdaling met 4,1 procent. Daarmee zakte hun omzet minder dan de attracties. Zij zagen, wellicht door de terugval van het dagtoerisme, hun omzet dalen met 5,5 procent. In augustus werd vooral voor de eerste helft van de maand een positieve trend genoteerd. "De tweede helft van de maand was minder goed. Het weer in augustus is meegevallen maar de sector noteerde geen topmaand zoals vorig jaar. Late boekingen hebben niet het niveau van 2003 gehaald", zo zei Jan Jassogne (CIB Kust). De kampeersector noteerde in het algemeen wel een degelijke zomer. "Juli én vooral augustus zijn een positieve spin-off van de absolute topzomer 2003", aldus Nico Moyaert, waarnemend gedelegeerd bestuurder van de Campingfederatie CKVB. Ook de horeca is niet ontevreden: "Augustus was traditioneel een prima maand voor het kusttoerisme. Twee- en driesterrenhotels hebben goed gescoord en ook de restaurants kunnen tevreden zijn", verklaarde Michel Bero, voorzitter Horeca Middenkust. (Het Belang van Limburg)

Bus- en trailerbouwer Van Hool heeft een bestelling van honderd gastankcontainers op zak van de Société de Transport des Produits Energétiques uit Algerije. Ze zijn bestemd voor de distributie per spoor van LPG. Intussen zijn de eerste containers in Algerije ingezet, zo maakt het bedrijf uit Lier vrijdag bekend. Financiële details wil Van Gool niet kwijt. De Société de Transport des Produits Energétiques (STPE) is een filiaal van Sonatrach en SNTF. De gastankcontainers hebben een inhoud van 24.600 liter en zijn voorzien van drie slingerschotten. De stalen tanks hebben een werkdruk van 20 bar en zijn uitgerust met een zonnedak om te snelle opwarming te vermijden. Samen met de containers werden ook containerchassis besteld voor het verder vervoer van de tanks. Van Hool is geen onbekende in Algerije. Reeds jaren is de bus- en trailerbouwer er naar eigen zeggen de belangrijkste buitenlandse leverancier van bussen en touringcars. Op dit ogenblik wordt nog een order van 300 bussen afgewerkt. (De Nieuwe Gazet)

09:54 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

27-08-04

Kunstateliers oplossing voor leegstand, of omgekeerd?

Ateliers voor kunstenaars kunnen de leegstand in steden helpen terugdringen. Dat is alvast de mening van het Nieuw Internationaal Cultureel Centrum (NICC) uit Antwerpen. In steden als Londen, Amsterdam en Berlijn is een atelierbeleid een quasi vanzelfsprekendheid, maar in Antwerpen is daar amper een spoor van terug te vinden. Maar dat zou in de toekomst moeten veranderen.

(Foto: De oude haven: thuisbasis voor kunstenaarsresidentie. – LAJ)

In de jongste nieuwsbrief van het Initiatief Beeldende Kunst wordt aandacht besteed aan het atelierbeleid dat het NICC met de steun van de stad Antwerpen wil opzetten.“Leegstaande gebouwen tijdelijk aan kunstenaars ter beschikking stellen is geen nieuw gegeven,” benadrukt het NICC, dat vorige maand samen met de stad Antwerpen een werkbezoek over atelierbeleid bracht aan Londen. “ Toch stonden slechte ervaringen uit het verleden en een negatief imago een echt atelierbeleid in Antwerpen in de weg. Daar komt vanaf januari 2005 eindelijk verandering in. Kersvers cultuurschepen Philip Heylen maakt extra middelen vrij om het atelierbeleid uit te bouwen.”

In mei 2003 startte het NICC met de steun van Cera Foundation een project op rond atelierbeleid. Het autonoom gemeentebedrijf Vespa, dat het stedelijk vastgoed beheert en valoriseert, stelt daarbij een inventaris van geschikte panden op. In 2001 peilde de vereniging al bij de Vlaamse beeldende kunstenaars naar de behoefte aan werkruimte. “Daaruit bleek dat de vraag naar betaalbare werkplekken groot is,” stipt de organisatie aan. “Van de ondervraagde kunstenaars woont 35 procent in de provincie Antwerpen. Slechts 9 procent daarvan stelde van inkomsten uit beeldende kunstactiviteiten te kunnen leven.”

Een eigen werkruimte op een ander adres huren wordt meteen bijzonder moeilijk, waardoor 78 procent hoofdzakelijk thuis werkt. “Met alle gevolgen vandien,” stipt het NICC aan. “Chemicaliën in de keuken, slapen tussen schilderijen en foto’s ontwikkelen in de badkamer. Maar liefst 51 procent verklaarde op zoek te zijn naar een ruimte om zijn kunstactiviteiten uit te oefenen.”

De enquête ontkracht volgens het NICC ook het cliché van de veeleisende kunstenaar. “De eisen die Antwerpse kunstenaars aan hun ideale werkruimte stellen, blijken zeer redelijk te zijn,” wordt er opgemerkt. “Een derde van de kunstenaars wenst een ruimte tussen twintig en veertig vierkante meter en ongeveer een vijfde vraagt een ruimte tussen veertig en zestig vierkante meter. Een afsluitbaar lokaal voorzien van daglicht, water, elektriciteit, sanitair en verwarming voldoet.”

Het absolute maximum dat een Antwerps kunstenaar per maand aan de huur van een aparte werkruimte kan besteden, bedraagt volgens het onderzoek 198 euro, exclusief elektriciteit, gas en water. “Maar liefst 72 procent van de kunstenaars geeft aan beroep te willen doen op een organisatie die een intermediaire en organisatorische rol speelt bij het zoeken en verhuren van werkruimten,” wordt er aan toegevoegd.

Het NICC merkt op dat gemeentebesturen verplicht zijn langdurig leegstaande en verwaarloosde panden te registreren. “Zowel woningen als bedrijfsruimten komen daarbij voor een belasting in aanmerking,” wordt er opgemerkt. “De Antwerpse inventaris voor woningen omvatte eind juli 1.760 leegstaande en nog eens 1.077 onbewoonbare, ongeschikte of verwaarloosde woningen. De inventaris voor bedrijfsruimten van eind 2003 telde in totaal 170 adressen, waarvan 45 leegstaande en 91 verwaarloosde bedrijfsruimten.”

De vereniging merkt op dat langdurige leegstand tot meer verkrotting en kankerplekken in de stad leidt. “De gangmakers van kunst en cultuur zijn in vervallen wijken vaak de voorboden van betere tijden,” wordt er aan toegevoegd. “Zij buigen de neerwaartse spiraal om in een opgaande lijn. Het resultaat is een wijk of buurt die weer aantrekkelijk wordt om in te wonen. Natuurlijk is niet elk gebouw als werkruimte geschikt. Maar met een minimuminvestering zijn leegstaande scholen, fabrieken, loodsen, postkantoren en zelfs kerken dat wel.”

Gesteld wordt dat jaarlijks talloze jongeren aan kunsthogescholen afstuderen. “Vooral deze jonge kunstenaars kampen met problemen om een geschikte atelier-, werk-, opslag- of repetitieruimte te vinden,” getuigt het NICC. “Een broedplaatsenbeleid naar Nederlands model dat betaalbare werkruimte aanbiedt, is dus een sleutelvoorwaarde om creatief talent in de stad te houden.”

Tijdens het werkbezoek benadrukte cultuurschepen Philip Heylen dat hij een kader wil scheppen waarin kunstenaars zich in de beste omstandigheden creatief kunnen uitleven. “Luc Tuymans, die als eerste Belg een eigen tentoonstelling kreeg in het Tate Modern, is noodgedwongen begonnen met schilderen in zijn keuken,” merkte hij op. “Waarom kunstenaars geen gebruik laten maken van panden die een tijdje leegstaan? De eigenaar weet dat zijn eigendom niet verkommert en de kunstenaar heeft tenminste voor een paar maanden een atelier.”

Rond deze problemetiek wil het NICC met de steun van de stad Antwerpen en Vespa een tweeledig aanbod uitwerken. Daarbij zou het NICC over een permanent gebouwencomplex beschikken, liefst met tientallen ateliers. “Verschillende kunstdisciplines in één gebouw zorgen voor een artistieke kruisbestuiving,” wordt er opgemerkt. “Oudere en jongere, gevestigde en startende kunstenaars kunnen van elkaar leren.”

Er wordt ook opgemerkt dat een atelierbeleid nooit beperkt blijft tot het uitsluitend aanbieden van werkruimte. “Spontaan ontstaan immers tentoonstellingen, opendeurdagen, uitwisselingen met buitenlandse kunstenaars en opleidingen,” wordt er opgemerkt. “Op die manier wordt ook de buurt bij het project betrokken.”

Panden die op een herbestemming of sloop wachten, vormen volgens het NICC de tweede peiler. “Ruimtes van beperkte duur vangen kunstenaars op die een project willen verwezenlijken of een werkruimte zoeken,” stelt de vereniging. “Hier komt de samenwerking met Vespa in beeld. Bedoeling is dat de organisatie de tijdelijk leegstaande panden een voorlopige invulling en gebruik geeft.”

Onderzoek naar ateliermodellen in het buitenland leidde tot de oprichting van een Europese werkgroep met partners in Engeland, Frankrijk, Nederland, Duitsland en België. Deze werkgroep organiseert geregeld bijeenkomsten, werkbezoeken en symposia. Het NICC stelt daarbij de uitdaging te willen aangaan om het in Nederland vaak toegepaste bedrijvencentrum-model naar Antwerpen halen. “Een evenwichtige mix van kunstenaars en culturele ondernemers garandeert economische activiteit,” wordt er opgemerkt. “Kunstenaars kunnen de faciliteiten van de ondernemers gebruiken en zien op die manier zowel professionalisme als kunstproductie stijgen,” wordt er aangestipt. Op lange termijn hoopt het NICC gemeentelijke overheden aan te zetten tot het uitwerken van een atelierbeleid. Na het pilootproject in Antwerpen wil men ook andere provincies aan de beurt laten komen.

Inmiddels is Artists In Residence Antwerpen (AIR) al volop bezig met de realisatie van een project. In samenwerking met het Gemeentelijk Havenbedrijf kreeg de vereniging immers de beschikking over de voormalige 19de eeuwse Sasmeesterswoning aan de Royersluis, op de grens van de oude en nieuwe haven en nabij het stadscentrum.

Daar wil AIR een antenne uitbouwen in het wereldwijde netwerk van kunstenaarsresidenties. “Die spelen een belangrijke rol in de actuele ontwikkeling van kunst en ideeën,” merkt de vereniging op. “Naast het aanbieden van woon- en werkruimte, fungeren ze ook als contactforum, als communicatiecentrum tussen internationale en locale actoren binnen het hedendaagse culturele netwerk.”

Met dit pioniersproject biedt AIR Antwerpen woon- en werkruimte aan buitenlandse kunstenaars en in Vlaanderen wonende en werkende kunstenaars die een samenwerking met een buitenlandse kunstenaar voor ogen hebben. Daarbij wordt de nadruk gelegd op beeldende kunst, al behoort een samenwerking met kunstenaars uit andere disciplines volgens AIR ook tot de mogelijkheden.

20:12 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |

Branding heeft hecht teamwerk nodig

Iedereen heeft de mond vol van branding. Een sterk merk wordt bijna beschouwd een absolute voorwaarde om succes te hebben, maar in het tijdschrift Clickz stelt Martin Lindstrom dat bedrijven met die merknaam dikwijls nogal losjes omspringen. Alleen een echte samenwerking tussen de verschillende afdelingen van het bedrijf kan volgens hem leiden tot een ijzersterke merknaam.

(Foto: Alleen een hecht teamverband kan tot een sterke merknaam leiden. – LAJ)

“Werknemers zullen wellicht beweren dat ze behoorlijk goede experts zijn op het gebied van het bedrijf waarvoor ze werken,” merkt Martin Lindstrom in het tijdschrift Clickz op. “Ze denken dat ze hun bedrijf kennen en te begrijpen waarvoor het merk staat.”Het is volgens Lindstrom echter de vraag of dat inderdaad wel het geval is. “Familiariteit veroorzaakt territorialisme,” stelt hij. “In een kleine organisatie met vijf personen is dat wellicht geen probleem, maar zodra het aantal werknemers stijgt, begint er tussen de verschillende activiteiten een afstand te groeien en verschijnen er barsten in de merkvertegenwoordiging.”

Naarmate het bedrijf groeit, kan dat ook het geval zijn met een gebrek aan flexibiliteit, een gebrek aan coördinatie en communicatie en onverenigbare stijlen van merkvertegenwoordiging. “Wanneer afdelingen uit elkaar groeien, kneemt ook de kans toe op misnoegdheid,” stelt Lindstrom. “De marketing-afdeling wordt een eiland, losgekoppeld van de andere geledingen van het bedrijf. Dit maakt het belangrijkste element van branding – consistentie – bijzonder moeilijk.”

De merknaam waart volgens Lindstrom niet alleen rond op de marketing-afdeling, maar is in elke afdeling aanwezig. “Maar binnen die afdeling wordt niet altijd aandacht besteed aan de interesses en het welzijn van de merknaam,” stelt hij. “Het gebeurt te vaak dat elke afdeling dit kostbaar kleinood onafhankelijk behandelt. Om die naam te voeden vindt elk departement nieuwe merk-eigenschappen uit en de naam daarmee weg van de centrale waarden.”

Dat merkt men volgens Lindstrom al op wanneer men de websites bekijkt van de bedrijven die opgenomen zijn in de Fortune 500. “De navigatie op de verschillende websites van het bedrijf verschillen van elkaar, de toon van de gehanteerde taal klinkt anders en ook de gratische stijl kent weinig overeenkomsten,” benadrukt hij.

Hierbij heeft Lindstrom het over ‘brand pampering’ (verwenning), of welbedoelde ‘brand tampering’ (vervalsing). “Maar dat wordt meestal door elke afdeling van het bedrijf met klem ontkend,” merkt hij op. “De webdesigner zal waarschijnlijk zeggen dat zijn departement het logo op de vereiste manier gebruikt, daarbij vergetend dat het logo slechts een klein onderdeel is van de bredere merknaam. De waarden en boodschappen rond dat logo zijn belangrijk.”

Er is volgens Lindstrom dan ook heel dikwijls geen lijn te vinden in websites, brochures, t-shirts, point-of-sales materiaal en verpakkingen die worden gebruikt. “Zou een klant zonder het logo achter al deze dingen het merk kunnen vermoeden?” vraagt hij zich af. “Indien dat niet het geval is, heeft het bedrijf een schat aan branding-geld weggegooid.”

Lindstrom geeft toe dat het een heel delikaat evenwicht is waar naar gezocht moet worden. “Het invoeren van te strikte huisregels en afdelingschefs die zich het slachtoffer voelen van onflexibele beslissingen, is geen goede oplossing,” merkt hij op. “Maar een management dat een laisser-faire politiek hanteert, leidt naar nog grotere merk-tegenstellingen.”

Wie branding ernstig neemt, is verplicht zich af te vragen of hij misschien van de juiste weg is afgeraakt, ondanks zijn steun en enthousiasme voor het merk. “Indien het merk doorheen alle aspecten van het bedrijf niet heel duidelijk naar voor komt, is men er verantwoordelijk voor dat de merk-inspanningen in een achterwaartse beweging gezet werden.”

De verschillende afdelingen moeten volgens Lindstrom dan ook samen rond de tafel zitten en het probleem op te lossen. “Het opbouwen van een merk is niet langer het exclusieve speelterrein van de marketing- of communicatie-afdeling,” merkt hij op. “Er moet een communicatie, coördinatie en samenwerking tot stand komen. Aleen door samen te werken kan men een echt ijzersterk merk opbouwen.”

18:08 Gepost door Marcho | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |