|
Kinderen hebben onvoldoende basiskennis om met de media te kunnen omgaan. Ze zijn immers van oordeel dat elke mediaboodschap waar is en beseffen ook niet dat achter de mediawereld een economisch winstpatroon schuilgaat. Dat blijkt uit een Nederlands onderzoek van Reklame Rakkers en de Radboud Universiteit Nijmegen. Met het internet lijken kinderen beter te kunnen omgaan, maar ook daar moeten volgens onderzoekers vragen bij gesteld worden. "Meer dan zeventig procent van de kinderen tussen acht en dertien hebben onvoldoende kennis over hoe de media functioneren en nemen elke mediaboodschap voor waar aan," benadrukken de onderzoekers van de Radboud Universiteit. "Er moet aan kinderen dan ook aangeleerd worden over de waarheden en onwaarheden in de media." Opgemerkt wordt dat de kinderen er pas vanaf een leeftijd van twaalf jaar in slagen om een onderscheid te maken tussen reclame en andere mediaboodschappen. "Televisie lijkt de hele realiteit te tonen, maar brengt slechts een selectief gedeelte van de realiteit in beeld," wordt er opgemerkt. Het blijkt echter dat 63 procent van de kinderen dit onvoldoende beseft. Evenmin blijken kinderen niet te beseffen welke economische patronen achter de media schuilgaan. "Van de respondenten beseft 85% zich niet genoeg dat de media-industrie wordt geleid vanuit een winstmotief," aldus nog de ondezoekers. Met het internet blijken kinderen op het eerste zicht beter om te kunnen, maar ook daar moeten volgens de Vrije Universiteit Amsterdam vragen bij gesteld worden. Bij een onderzoek in een aantal Nederlandse basisscholen bleken leerlingen prima in staat te zijn om een mooi ogend werkstuk te maken met behulp van het internet. "Maar de informatie die in dat werkstuk geplaatst wordt, laat dikwijls te wensen over," aldus de onderzoekers. Kinderen werken volgens het Amsterdamse rapport graag met het internet omdat ze dan niet hoeven te lezen. "Op het internet kan men klikken en slepen," benadrukken de wetenschappers. "Veel van de informatie was dan ook verkeerd gekopieerd." Evenmin zijn leerlingen volgens de onderzoekers voldoende in staat om de betrouwbaarheid van de gevonden informatie te beoordelen. Opvallend was ook dat de kinderen verwachten dat zoekmachines hun vraag begrijpen en zijn verbaasd als het antwoord niet letterlijk verschijnt.
|