22-06-11

Vietnam en Verenigde Staten ruimen Agent Orange op

Vietnam en zijn voormalige vijand Verenigde Staten zijn gestart met een gezamenlijk project om de milieuschade van het chemische ontbladeringsmiddel Agent Orange op te ruimen. Het ontbladeringsmiddel werd door Amerikaanse troepen tijdens de oorlog in Vietnam ingezet. De opkuisoperatie concentreert zich in een voormalige Amerikaanse militaire basis in centraal Vietnam, waar het middel tijdens de oorlog, die meer dan drie decennia geleden eindigde, lag opgeslagen. Het is de eerste keer dat Vietnam en de Verenigde Staten samenwerken om de contaminatie te bestrijden.

Amerikaanse vliegtuigen sproeiden tijdens de oorlog van Vietnam miljoenen liters van het chemische product over Zuid-Vietnam. Bedoeling was de Vietnamese jungle te ontbladeren, zodat de Vietcong-guerrilla's zich niet zouden kunnen verborgen houden. Agent Orange omvatte dioxine, dat wordt in verband gebracht met kankers en geboorte-afwijkingen. Het product is een gevoelig twistpunt gebleven tussen beide gewezen vijanden, hoewel de relaties op andere gebieden bijzonder vriendelijk zijn geworden.

Met het project is een bedrag van 32 miljoen dollar gemoeid. Bedoeling is om een gebied van bijna veertig hectaren rond Danang Airport te saneren. Uit een studie van het Canadese milieubedrijf Hatfield Consultants twee jaar geleden bleek dat de dioxine-normen in het gebied driehonderd tot vierhonderd keer hoger lagen dan de internationale maximumgrenzen. Ook op de gewezen Amerikaanse luchtmachtbasissen van Bien Hoa en Phu Cat werden onaanvaardbare niveaus dioxine aangetroffen.

Volgens het Vietnamese Rode Kruis hebben ongeveer drie miljoen Vietnamezen lichamelijke schade opgelopen door de blootstelling aan Agent Orange. Dat cijfer wordt door de Verenigde Staten betwist. Volgens het Amerikaanse standpunt zijn andere factoren de oorzaak van de ziektes van een groot deel van de patiënten.

 

 

27-09-07

Acacia in strijd tegen Agent Orange

Vietnam draagt nog altijd de sporen van het ontbladeringsproduct Agent Orange dat door het Amerikaanse leger tijdens de Vietnamese oorlog werd ingezet. De Vietnamese bevolking kampt nog steeds met gezondheidsklachten als gevolg van het gebruik van het chemisch product. Ook de landbouw ondervindt er nog altijd de gevolgen van. Een Vietnamees wetenschapper wil echter acacia’s inzetten om de gevolgen te beperken.

De oorlog in Vietnam is inmiddels al meer dan dertig jaar geleden, maar de sporen van het ontbladeringsmiddel Agent Orange, het chemisch product dat door de Amerikaanse troepen werd ingezet, zijn nog altijd terug te vinden. Op bepaalde locaties is de aanwezigheid van dioxine – dat in Agent Orange werd gebruikt – nog altijd tweehonderd keer hoger dan de aanvaardbare norm.

De Vietnamese gezinnen die op de gecontamineerde gronden leven, ondervinden nog steeds last met de gezondheid en hebben problemen met hun oogst. De Vietnames wetenschapper Phung Tuu Boi, directeur van het Center for Assistance in Nature Conservation and Community Development in Hanoi, zegt met het planten van acacia’s daar nu echter een oplossing voor gevonden te hebben.

Boi wil op de gecontamineerde plekken twee organische hekken plaatsen. In de eerste plaats moet er een stekelige haag komen die het vee en de bevolking op afstand moet houden. Bij het ouder worden produceert deze soort (Gleditschia australis) eetbare vruchten die de bewoners kunnen eten. Daarnaast wil Boi een hek planten met Australische acacia’s. Deze bomen zuiveren de grond en groeien snel waardoor ze na niet al te lange tijd weer kunnen worden geoogst om er papier of meubels van te maken.

Boi kreeg voor zijn project een donatie van de Wereldbank.

09:53 Gepost door Marcho in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vietnam, agent orange, milieu, gezondheid |  Facebook |

03-01-07

Philips vreest zware schadeclaims

Het elektronicabedrijf Philips blijkt in de jaren zestig een belangrijke producent van het ontbladeringsmiddel Agent Orange te zijn geweest. Het middel werd door het Amerikaanse leger ingezet tijdens de oorlog in Vietnam. Philips heeft de voorbije jaren al miljoenen euro schadevergoedingen betaald, maar vreest dat die claims nu in de richting van het miljard euro zouden kunnen gaan.

Agent Orange werd door het Amerikaanse leger gebruikt om de schuilplaatsen van de Vietcong-strijders bloot te leggen. Het middel was echter zwaar giftig en bevatte onder meer dioxine. Daardoor werden tienduizenden mensen vergiftigd. Het ging daarbij niet alleen om Vietnamese tegenstanders, maar ook om de eigen soldaten en onschuldige burgers.

Het middel werd geproduceerd door Thompson Hayward, een dochterbedrijf van Philips. Thompson Hayward verhandelde tot begin jaren tachtig ook ruwe asbest. Een aantal oude bedrijfsterreinen van de onderneming in de Verenigde Staten moeten door de overheid worden gesaneerd. Het voorbije jaar heeft Philips nog voor 265 miljoen euro gereserveerd voor schadeclaims.

Maar Philips vreest dat dit nog niet voldoende zal zijn. Er wordt zelfs gewag gemaakt van een totale schadelast van ruim één miljard euro.

14:42 Gepost door Marcho in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: philips, agent orange, asbest, vietnam |  Facebook |