25-11-09

Rijke landen komen financiële klimaatbeloftes niet na

Er is in het begin van dit decennium aan ontwikkelingslanden veel geld beloofd om de gevolgen van de klimaatverandering aan te pakken, maar het blijft onduidelijk of van die beloftes veel in huis is gekomen. Dat is de conclusie van een onderzoek van de Britse openbare omroep BBC. Ban Ki-Moon, secretaris-generaal van de Verenigde Naties, zegt dat de geïndustrialiseerde wereld de afspraken van de zogenaamde Bonn Declaration niet nakomt. Hij eist dat een nieuw financieel akkoord tijdens de klimaatconferentie in Kopenhagen volgende maand heel duidelijk moet zijn. Het akkoord moet volgens Ban Ki-Moon gebaseerd zijn op vertrouwen. Hij voegde er aan toe dat een nieuwe financiële overeenkomst meetbaar en controleerbaar moet zijn. De Europese Unie geeft aan dat het geld wel degelijk in bilaterale overeenkomsten werd betaald, maar geeft toe daarvoor geen bewijzen te kunnen leveren. De Bonn Declaration is omgeven door een mist van onduidelijkheid, wat geleid heeft tot wantrouwen tussen de geïndustrialiseerde wereld en ontwikkelingslanden.

In het begin van dit decennium beloofden de rijke landen 410 miljoen dollar per jaar te zullen investeren om de ontwikkelingslanden toe te laten de gevolgen van de klimaatverandering te bestrijden. Die verklaring werd door twintig geïndustrialiseerde landen ondertekend. Het ging om de vijftien toenmalige leden van de Europese Unie, Canada, IJsland, Nieuw-Zeeland, Noorwegen en Zwitserland. De overeenkomst kreeg een looptijd van zeven jaar, maar er was niet duidelijk afgesproken wanneer met die betalingen zou worden gestart. Het totale bedrag zou variëren tussen 1,6 miljard dollar en 2,8 miljard dollar. Het niveau van de steun zou vorig jaar moeten herbekeken worden. De Britse omroep stelt echter dat aan het Least Developed Countries Fund en het Special Climate Change Fund, twee fondsen van de Verenigde Naties die daarvoor werden aangeduid, in totaal slechts een bedrag van 260 miljoen dollar werd uitbetaald. De betrokken landen zeggen echter dat het nooit de bedoeling is geweest om het geld uitsluitend in die twee fondsen te stoppen.

Artur Runge-Metzger, de belangrijkste klimaatonderhandelaar van de Europese Unie, houdt vol dat de gedane beloftes wel zijn nagekomen. "Maar Runge-Metzger geeft wel toe dat de Europese Unie geen bewijzen kan aanbrengen dat het geld wel degelijk is betaald," stipte BBC News. "Hij merkt daarbij op dat het soms bijzonder moeilijk is om aan te tonen welke onderdelen van steun naar budgetten tegen de klimaatverandering gaan." Richard Myungi, klimaatonderhandelaar voor de minst ontwikkelde naties, stelde echter dat de arme landen zich bedrogen voelen. Ook Boni Biagini, de beheerder van de betrokken fondsen van de Verenigde Naties, zegt dat er meer geld gegeven had moeten worden. Er is volgens hem geen sprake van dat er 410 miljoen dollar per jaar in betaald. Het wordt niet onmogelijk geacht dat de arme landen in Kopenhagen zullen weigeren een nieuw klimaatverdrag te ondertekenen indien er geen vaste overeenkomsten kunnen worden gesloten om de financiering te garanderen.