04-12-09

IJzeren Gordijn beschermde inheemse diersoorten

Het IJzeren Gordijn heeft Oost-Europa niet alleen lange tijd beschermd van kapitalistische invloeden, maar heeft ook de fauna van het Oostblok van externe invloeden weten af te schermen. Dat is de conclusie van een onderzoek van de Hebrew University in Jeruzalem. Meer dan vier decennia isolatie hebben er volgens de onderzoekers voor gezorgd dat Oost-Europa opvallend weinig gekoloniseerd is door exotische vogelsoorten. Beperkingen op de bewegingsvrijheid en de handel hebben immers vermeden dat deze soorten konden ingevoerd worden. In West-Europa daarentegen werden massaal exotische dieren ingevoerd. Het onderzoek bracht echter ook aan het licht dat de menselijke activiteit een veel grotere impact heeft op de introductie van nieuwe vogelsoorten dan het klimaat of breedtegraad. De invloed van die menselijke activiteit werd volgens de onderzoekers door de oprichting van het IJzeren Gordijn nog uitvergroot. De onderzoekers stellen dat ook groeimarkten moeten leren uit de Europese fenomeen.

"Er kunnen belangrijke beleidslessen worden getrokken uit de isolatie door het IJzeren Gordijn," stelt onderzoeksleider Salit Kark tegenover BBC News. Inwijkende soorten een grote bedreiging kunnen vormen voor de biodiversiteit. Terwijl in het westen massaal exotische vogels werden ingevoerd, zoals papegaaien en wevers, als huisdier of voor dierentuinen, werden in Oost-Europa vreemde soorten alleen geïmporteerd voor de jacht, zoals patrijzen, fazanten, eenden en ganzen. In West-Europa werden voor het begin van de Koude Oorlog zesendertig exotische diersoorten aangetroffen. Tot bij de val van het IJzeren Gordijn steeg dat cijfer verder tot zesenveertig soorten. Dat liep na het einde van de Koude Oorlog verder op tot vierenvijftig soorten. In Oost-Europa werden voor de Koude Oorlog elf exotische vogelsoorten geteld, maar dat daalde daarna tot amper vijf soorten. Kark voegt er aan toe dat het vallen van het IJzeren Gordijn dan ook de weg voor de invoer van exotische soorten heeft vrij gemaakt.

Salit Kark wijst erop dat de meeste geïntroduceerde soorten veelal gebleven zijn in de landen waar de werden ingevoerd. "Daarom is ook relatief eenvoudig om maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat ze zich niet verder verspreiden," merkt Salit Kark op. "Van de honderdtwintig getelde soorten, hebben veertien groepen zich echter wel in de buurlanden verspreid. Een aantal van die soorten zoals de roze Indische parkiet en de monnikparkiet uit Zuid-Amerika verspreidingen zich bijzonder snel. Het feit dat grote politieke of economische blokken een dergelijk grote impact blijken te hebben, kan daarbij echter op een positieve manier worden gebruikt. Het feit dat de lidstaten van de Europese Unie een grote vorm van samenwerking kennen, kan er voor zorgen dat gemakkelijk gezamenlijke maatregelen worden genomen." Daarbij moet er volgens De Israëlische wetenschapper vooral voor gezorgd worden dat er geen inwijking kan plaats hebben in gebieden die ooit geïsoleerd waren. Dat geldt volgens haar echter ook voor China, India en andere groeiregio's.

16:23 Gepost door Marcho in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: fauna, ijzeren gordijn |  Facebook |