17-07-13

Aanpak jeugdwerkloosheid moet prioriteit zijn voor overheden

Overheden moeten bedrijven betalen om jongeren aan te werven. Dat is de boodschap van een rapport van de Organisatie van Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso). Opgemerkt wordt dat de jeugdwerkloosheid in de ontwikkelde landen dramatische normen heeft aangenomen, zodat drastische maatregelen moeten worden genomen. Er wordt op gewezen dat jongeren aan het begin van hun carrière nagenoeg geen enkel sociaal vangnet hebben en door een langdurige werkloosheid dan ook in een bijzondere peniebele situatie terecht kunnen komen.

In het rapport wordt opgemerkt dat de jeugdwerkloosheid in de lidstaten van de organisatie ook tijdens het grootste gedeelte van volgend jaar op een hoog niveau zal blijven. Stefano Scarpetta, hoofd van het werkgelegenheidsbeleid van de Oeso, benadrukt dat jeugdwerkloosheid een toenemende noodsituatie dreigt te worden. "Er moeten dan ook drastische acties worden ondernomen om de werkgelegenheid bij de jongeren op te drijven. Daarbij moeten ook onorthodoxe maatregelen, zoals de subsidiëring van bedrijven voor het aanwerven van jongeren, worden overwogen."

In de vierendertig lidstaten van de Oeso worden op dit ogenblik al 48 miljoen werklozen geteld. In het rapport wordt gewaarschuwd dat het werkloosheidsniveau dit jaar een niveau van 8 procent zal bereiken, om pas volgend jaar een lichte daling tot 7,8 procent te kennen. In landen zoals Griekenland en Spanje nadert de werkloosheid bij jongeren een niveau van 60 procent. Volgens verscheidene economen wordt jeugdwerkloosheid een even groot probleem voor de economische toekomst van Europa als de kwetsbaarheid van de Europese banken.

Een systeem van vervroegd pensioen is volgens de Oeso geen geschikt instrument om de jeugdwerkloosheid te bestrijden.

Lees Verder

15:33 Gepost door Marcho in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: oeso, jeugdwerkloosheid |  Facebook |

14-11-10

Obesitas-epidemies dreigen in ontwikkelingslanden

Ontwikkelingslanden moeten dringend ingrijpen om een toekomstige obesitas-epidemie te vermijden. Dat is de conclusie van een rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Daarbij wordt opgemerkt dat het aantal obesitas-patiënten in de ontwikkelingslanden bijzonder snel stijgen. In het rapport wordt erop gewezen dat het obesitas-niveau in landen zoals Brazilië en Zuid-Afrika al boven het OESO-gemiddelde liggen. Er wordt voor gewaarschuwd dat ontwikkelingslanden de gezondheidsconsequenties van een grootschalig obesitas-probleem niet zullen aankunnen. Oorzaak van de trend is het feit dat steeds meer ontwikkelingslanden naar een westerse levensstijl overschakelen.

"De toename van obesitas in geïndustrialiseerde landen zoals Groot-Brittannië en de Verenigde Staten gaat gepaard met een stijging van het aantal patiënten met hartaandoeningen, kanker en diabetes," aldus BBC News. "De stijgende welvaart in een aantal ontwikkelingslanden heeft er echter voor gezorgd dat ook daar een westerse levensstijl wordt aangenomen. Volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling halen die landen hun achterstand op het gebied van obesitas heel snel op. De organisatie stelt dat het algemene gemiddelde aan overgewicht en obesitas 50 procent van de totale bevolking bedraagt. In Rusland zit men inmiddels net onder dit gemiddelde."

Er wordt aan toegevoegd dat overgewicht in India nog altijd minder dan 20 procent van de bevolking treft. In China blijft het probleem onder de 30 procent, maar volgens het rapport stijgen die cijfers bijzonder snel. Er wordt aan toegevoegd dat de ontwikkelingslanden dringend moeten ingrijpen om die toename te vertragen. Daarbij wordt aangestuurd op grote mediacampagnes om een gezonde levensstijl te promoten, het invoeren van belastingen en subsidies om een beter dieet te stimuleren, een grotere overheidsregulering voor voedingslabels en beperkingen op voedselreclame. Door het beperken van de gezondheidskosten zouden die inspanningen zich op maximaal vijftien jaar terugbetalen.

31-10-10

Levenscyclus basis voor nieuwe productieprocessen

Een duurzaam aankoopbeleid bij de overheid, eco-labeling en een responsabilisering bij de producenten zijn mogelijke beleidsoplossingen om de consumptie van grondstoffen in de industrie te beperken. Daarmee moet ingespeeld kunnen worden op de groeiende druk om de economische groei en een stijgend gebruik van grondstoffen te ontkoppelen. Dat zegt de Organisatie van Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Daarbij wordt opgemerkt dat een filosofie van de levenscyclus van grondstoffen al moet geïncorporeerd worden in de vroegste stappen van de ontwikkeling van producten. Dat concept kan volgens de OESO in alle productie-sectoren - van mobiele telefoons en autoconstructie tot zelfs landbouw - worden gebruikt.

12:07 Gepost door Marcho in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: levenscyclus, oeso, onderzoek, ontwikkeling |  Facebook |

09-12-09

Verenigde Staten zakt steeds verder weg in levensverwachting

De gemiddelde levensverwachting in de Verenigde Staten zakt steeds verder weg in vergelijking met andere rijke landen. Nochtans wordt in de Verenigde Staten dubbel zoveel uitgegeven aan gezondheidszorg dan het gemiddelde van de geïndustrialiseerd wereld. Dat is de conclusie van een rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Uit het onderzoek blijkt dat de gemiddelde levensverwachting in de Verenigde Staten 78,1 jaar bedraagt. Dat is exact één jaar minder dan het gemiddelde van de OESO-lidstaten. De Verenigde Staten staan in de rangschikking nog net voor Tsjechië, Polen en Mexico, die veel minder investeren in gezondheidszorg. Gemiddeld geven de Verenigde Staten per inwoner jaarlijks 7.290 dollar uit aan gezondheidszorg. Het OESO-gemiddelde bedraagt 2.984 dollar. De Verenigde Staten geven opmerkelijk meer uit aan gezondheidszorg dan Noorwegen en Zwitserland, die op het vlak van uitgaven op de tweede en derde plaats staan. Nochtans ligt de levensverwachting daar respectievelijk twee en vier jaar hoger.

28-09-09

BNP Paribas trekt zich terug uit grijze belastingparadijzen

De Franse bankverzekeraar BNP Paribas zal in de toekomst niet meer aanwezig zijn in landen die vermeld staan op de grijze lijst van belastingsparadijzen. Dat heeft Baudouin Prot, directeur-generaal van BNP Paribas, gezegd. In totaal zullen door die beslissing een zestal filialen van de Franse financiële groep getroffen worden. BNP Paribas zal zich onder meer terugtrekken uit Panama. De beslissing is het gevolg van de stelling die is ingenomen tijdens de G20-top in Pittsburgh. Daarbij hebben de verzamelde regeringsleiders aangekondigd dat er maatregelen zouden genomen worden om belastingsparadijzen aan te pakken. Een aantal beroemde fiscale paradijzen, zoals Zwitserland en Monaco, hebben inmiddels al de nodige stappen gezet om van de lijst met belastingparadijzen geschrapt te worden.

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) heeft een lijst opgesteld met landen die als belastingsparadijzen moesten worden beschouwd. Daarnaast was er echter ook een grijze lijst met landen die weliswaar beweerden om belastingsontduiking door buitenlandse onderdanen tegen te gaan, maar daar in praktijk onvoldoende maatregelen voor namen. Onder meer ook België stond op die lijst vermeld. Om van die grijze lijst te worden geschrapt, moesten de betrokken landen op zijn minst een aantal bilaterale akkoorden afsluiten voor het uitwisselen van financiële gegevens. Inmiddels is daardoor ook België weer van die lijst geschrapt. Baudouin Prot wees erop dat deze grijze lijst onder druk van de OESO ook steeds kleiner wordt.

In maart van dit jaar had BNP Paribas nog bijzonder zware kritiek gekregen omwille van zijn aanwezigheid in zogenaamde belastingsparadijzen. Volgens het magazine Alternatives Economiques telde de Franse bank niet minder dan 189 filialen in landen met een twijfelachtig imago op het vlak van belastingsontduiking. Daarbij werd de vraag gesteld waarom BNP Paribas het nodig vond om in dergelijke landen drie keer meer locaties te hebben dan sectorgenoot Société Générale. Op de grijze lijst van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling staan nog een dertigtal landen, waaronder Liechtenstein, de Bahamas en Andorra. Baudouin Prot stelde dat BNP Paribas naar zijn weten de enige financiële groep is die beslist heeft om zich uit deze grijze belastingparadijzen terug te trekken.

16:26 Gepost door Marcho in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bank, belasting, oeso, bnp paribas |  Facebook |

25-06-09

Directe buitenlandse investeringen gehalveerd

De directe buitenlandse investeringen in geïndustrialiseerde landen zijn in het eerste kwartaal van dit jaar gehalveerd ten opzichte van vorig jaar. Dat blijkt uit een rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Als de daling zich ook de volgende maanden op hetzelfde tempo verderzet, dan zullen de buitenlandse investeringen in de dertig geïndustrialiseerde lidstaten van de organisatie volgens de OESO dit jaar 500 miljard dollar bedragen. Vorig jaar bedroegen de buitenlandse kapitaalstromen in totaal 1.020 miljard dollar. De daling wordt volgens de organisatie veroorzaakt door een daling in het aantal internationale fusies en overnames dan vorig jaar.

"Vooral opkomende economieën investeren veel minder in andere landen dan voorheen," aldus het rapport. "De buitenlandse investeringen van Brazilië, China, India, Indonesië, Rusland en Zuid-Afrika samen nemen dit jaar met 80 procent af tot 21 miljard dollar." Het totale bedrag aan internationale fusies en overnames zou volgens de OESO dit jaar met 60 procent terugvallen tot 439 miljard dollar. In de groeilanden zou dat bedrag met eenzelfde percentage terugvallen tot 56 miljard dollar. Daarbij wordt erop gewezen dat directe buitenlandse investeringen voor vele groeilanden de belangrijkste bron is van internationale kapitaalbewegingen. Er wordt daarbij opgemerkt dat het wegvallen van die investeringen de groei in die landen verder zal afremmen.

Anderzijds stelt de OESO dat de meeste lidstaten zich tot nu toe niet hebben laten verleiden om door de economische crisis over te gaan tot protectionistische maatregelen. Daarbij wordt opgemerkt dat de meeste landen noodmaatregelen hebben getroffen, zoals kapitaalinjecties en garantstellingen, om hun economieën te ondersteunen. Maar slechts een kleine minderheid heeft ook hun wetgeving rond de investeringspolitiek aanepast. Een aantal van die maatregelen zijn volgens de OESO weliswaar relatief onduidelijk, maar er wordt aan toegevoegd dat de betrokken regeringen zelf hebben aangegeven dat de wijzigingen bedoeld zijn om hun markten transparanter te maken en verder open te stellen voor buitenlandse investeerders.

16:24 Gepost door Marcho in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: oeso, investeringen |  Facebook |

19-06-09

Landbouw voorlopig relatief bestand tegen recessie

agriculture_field_at_thanjavurOmdat voeding een basisnoodzakelijk is, houdt de landbouw in de economische crisis beter stand dan andere sectoren. Maar indien die recessie zich verder doorzet, zouden ook de landbouwactiviteiten de negatieve impact kunnen ondervinden. Dat is de conclusie van een rapport van de Organisation for Economic Co-operation and Development (OECD) en de Food and Agriculture Organisation (FAO). Daarbij wordt opgemerkt dat de terugval in de oogst en de landbouwprijzen wellicht beperkt kan blijven indien het economisch herstel zich binnen twee tot drie jaar zal doorzetten. Omdat de economische recessie de voedselprijzen naar beneden duwt, wordt volgens het rapport de druk op het verlaagde budget van de consument verminderd.

Het rapport stelt dat de voedselprijzen sinds het begin van vorig jaar een recorddaling hebben gekend, maar in veel arme landen tot bijzonder hoog blijven. Er wordt aan toegevoegd dat de prijzen voor landbouwproducten - op uitzondering van rundsvlees en varkenvlees - het volgende decennium wellicht niet zullen terugvallen tot de gemiddelde niveau's van voor de piekperiode die voor de economische crisis werd bereikt. Volgens het rapport zullen de gemiddelde groentenprijzen de volgende tien jaar gemiddeld tien tot twintig procent hoger liggen dan het gemiddelde voor de periode tussen 1997 en 2006. De prijzen voor plantaardige oliën zouden meer dan dertig procent hoger liggen.

De evolutie op de landbouwmarkten wordt volgens het rapport door het verwachte economisch herstel, de groeiend vraag vanuit ontwikkelingslanden en de opkomende markt van de biobrandstoffen. Maar er wordt gewaarschuwd dat de extreme prijsfluctuaties zoals de piekperiode van vorig jaar in de nabije toekomst niet uitgesloten kunnen worden, vooral omdat de prijzen steeds meer gelinkt worden aan de kosten van olie en energie en meer extreme weerscondities mogen worden verwacht. Er wordt aan toegevoegd dat de productie, consumptie en handel in landbouwproducten in ontwikkelingslanden wellicht zal stijgen, maar dat de voedselonzekerheid en honger voor de armere bevolking van de wereld een groeiend probleem vormt.

Daarbij wordt opgemerkt dat dit probleem vooral het gevolg is van een gebrek aan toegankelijkheid in plaats van aan een gebrek aan beschikbaarheid. "Het terugschroeven van de armoede en economische groei zullen een belangrijk deel van de oplossing zijn," aldus nog het rapport. "De groei van de landbouw is cruciaal voor de duurzame ontwikkeling en de terugdringing van de armoede, aangezien 75 procent van de armen in ontwikkelinglanden in landelijke gebieden leven. Naast een efficiëntere internationale hulp, zouden bedrijven gericht moeten investeren in landbouwinfrastructuur, onderzoek en ontwikkeling en stimulansen voor het duurzaam gebruik van grond en water." Bovendien wordt er opgemerkt dat in arme landelijke regio's een bredere economische ontwikkeling buiten de landbouw moet worden gerealiseerd.

14:50 Gepost door Marcho in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: landbouw, oeso, fao |  Facebook |