11-09-10

Liverpool-leningen vormen een toxisch krediet

Royal Bank of Scotland (RBS) heeft aangekondigd zijn lening van 237 miljoen pond sterling aan de Engelse voetbalclub Liverpool niet te zullen verlengen. De lening vervalt tijdens de eerste week van de maand oktober. De leningen van de voetbalclub werden overgeheveld naar de divisie toxische kredieten van de Britse bank. In het akkoord van Royal Bank of Scotland met Tom Hicks en George Gillett, de Amerikaanse eigenaars van Liverpool, werd afgesproken dat de voetbalclub in insolventie zou gedwongen kunnen worden indien niet aan de kredietverplichtingen zou worden voldaan. Er wordt echter niet verwacht dat de bank het zover zal laten komen. Volgens waarnemers wil Royal Bank of Scotland de voetbalclub met een belangrijke korting verkopen.

De Amerikaanse eigenaren vragen 800 miljoen pond sterling voor de Engelse voetbalclub. Dat wordt gezien als één van de belangrijkste redenen voor het mislukken van overname-gesprekken. "De beslissing van Royal Bank of Scotland om de kredieten van Liverpool over te hevelen naar zijn Global Restructuring Group is een duidelijk signaal dat de voetbalclub niet langer nog op leningen zal kunnen rekenen," merkt de Britse krant The Guardian op. "Dat zou betekenen dat daarmee een einde komt aan de periode van Hicks en Gillett bij Liverpool." De Amerikaanse eigenaren probeerden in juni de schulden van de club te herschikken door een garantie te bieden op hun Amerikaanse activa. Dat werd echter verworpen door de raad van bestuur van de club.

Door de overheveling van de lening naar de divisie toxische kredieten toont Royal Bank of Scotland, de grootste schuldeiser van de clubs, volgens The Guardian dat ook de crediteur een striktere positie tegen de Amerikaanse eigenaars van Liverpool heeft ingenomen. De bank zou volgens een aantal bronnen de club zo snel mogelijk willen verkopen. De bank zou een insolventie kunnen inroepen om de Amerikaanse eigenaars te dwingen om te vertrekken, maar daardoor zou de club in de competitie negen punten worden afgenomen. De bank heeft ook geen plannen om de club als een dochterbedrijf aan te houden, maar zou van een overnemer minstens een evenwaarde van de schuld willen ontvangen.